MOONCHILD POETRY by Kattya

MOONCHILD POETRY by Kattya

Menu

GUIDED BY THE UNKNOWN

PURPLE      PURPER



's Nachts maakt een lichaam zich steeds verder onzichtbaar.
Een raamloos mens wordt naamloos
Het grondzeil buigt alsmaar donkerder als een vulkaan die as spuwt om hier en daar donkerbruin gebrande verkleuringen voorgoed te bedekken.
Angstvallig weren willekeurig achter verwarmingsbuizen gepropte gordijnen licht en lucht. Purper smelt samen met smaragdgroen zwelt aan tot geelgoud.
Hij had haar zijn werkkamer in getrokken. In de hoek waar het felle licht heel even maar de geschulpte  randen van zijn Kandinsky schildering licht aanraakte.
Vijf achteloze overmoedig grote letters toonden echtheid. Zijn naam.


Ze hadden "The shape of water" apart van elkaar en toch samen stilzwijgend gekeken op een te klein scherm. Waarbij zij zich voorover boog in de lichtkrakende lage rieten stoel. Met gespitste tong terwijl ze aandachtig een foto van de lichtkrans van de muis maakte. Telkens biologeerden de voortdurend wegëbbende fluortinten. Ze verscholen zich als vissen tussen het koraal om pijlsnel tevoorschijn te schieten. Het rif achter zich latend.
Ze wist dat hij hoger gezeten op zijn troon bedachtzaam elke emotie in haar ogen,  haar gelaat volgde met wiskundige precisie als Kandinsky.
Een roedel wolven die de ree insluit.


Schaduwen bespringen dansend muren.  Raamkozijnen projecteren aan de lopende band claire obscure films
Hersens registreren het de trilling van geluid in aantocht via trappen in het souterrain.
Ver boven karton koele blikjes kolkend nat een uitnodigende brede lach.
Verse lever, echte koffie, courgette, gemengde salade en Carolina reaper hot sauce. Met respectievelijk felrode 35% en 50% kortingstickers.


Tijd verglijdt door een stomp kort rietje.  Geroutineerde mega joints.
De achterste nepleren bank die de schuddende bus fake en toch stoerheid verleent wordt Through the barricades messcherp gesplitst door zwarte dunne kabels naar breinvertakkingen van een lavendelblauwe walkman.
Chaka Khan kirt twirlt op 2 hoog onder het pannendak.
Superfreak swaggert luchtmoleculen.
Fun loving criminals brult Too hot.
Onovertroffen zwoel
You gotta show me love.
"Who Dreams Of Cats?"
You said you're leavin', it's time to be free
I'm free of me at last
Am I so mean that you're haunting my dreams
This could mean it's a little played fact
It wasn't wise but the snow pierced the sky
But the sound disappeared with your tent
You get the town but you're so big and round and the snow was spiraling our lamps. You're just a work for some other croutons.
Something's wrong with you, clearly love lasts. Heart suffering lives every night and then. Once you're grounded you're feeling so fast
You probably know when you're running insane. Probably learn from meeting two hearts. Then I tried to take the money to save
From here, darling, it's all so small.


Steeds harder. Hees, grover, brutaler uit keel en breakdancende boxen.
Uit blik blust gul blond nat verrukt Etna. Gutst Vesuvius.  Brian Jonestown Massacre burns in hell.
You might just_ kill _yourself branie
Vijf letters garanderen echtheid.


Muren barsten. Find answers
to your dreams. Gordijnen wijken. Het donker etst een silhouet.


Eerst was er zonneblauw. It's alright You're only bleeding.



Ik durf niet.
Kan het niet.
Ik kijk niet als
je zegt
Ik spring



            *****************************

  • LEFT IN THE DESERT
  • Ik ben een commando, oorlogsveteraan van 55 en inmiddels overleden als laatste van mijn maten die in de verzengende hitte en geur van brandende lijken en kanonnenvuur vochten voor het vaderland in Irak. Daarna zelfmoord pleegden. In de hel van Afghanistan met defecte infraroodcamera schoot ik in het pikdonker vrouwen en kinderen neer. Het was zij of ik. Ik verborg me voor de gesluierde, tijgerende sluwe vijand in bloed doordrenkte papavervelden, in zompige moerassen. Ik praatte in trance Italiaans, mijn moedertaal. Dronk espresso en keek diep in de zwartbruine onderzoekende ogen van mijn donkerharige vader. Tintelend als jonge honden reden we samen de steile helling af, richting azuurblauwe zee. Achter op zijn spierwitte Piaggio hield hij mij stevig vast, onder de Italiaanse zon in Santa Croce de Lago. De ticket lag klaar. Ik ben niet naar zijn begrafenis geweest. Ik was er niet klaar voor. Gevoelloos. Net als mijn rottende voeten die ik nauwelijks voel. Loopgraafvoeten een aandoening. Ze worden alleen maar zwarter tot amputatie volgt. Of het me spijt dat van dat graf in Italië. Soms nu ik zelf wijzer ben. Moe gestreden. 
  • Als huurling werd ik geronseld met harde dollarbiljetten door Blackwater en verdedigde ik de eer van het departement van Defensie van de VS. Een lastercampagne volgde. Ik wil mezelf laten verdwijnen tussen harde rotsen in mijn diepe verstarrende roes. Mijn onderscheidingen heb ik in de plomp gegooid. Nu wordt ik gewurgd, mijn zuurstof raakt op door een sterke vrouw geheel gehuld in glanzend witte zijden pyama. Ik wil geen naakt. Dat herinnert me aan al de doden. Ik zie de blonde taaie judoka voor me. Zij benam me letterlijk mijn adem jaren geleden als student van amper 17. Toen ik me aan haar onverzadigbare dwang tot lust overgaf. Die lust is alleen maar toegenomen. Thuis loop ik met mijn gasmasker op, terwijl de ogen bijna uit mijn kassen puilen. Ik probeer te slapen tussen pioenrode satijnen lakens, die slijtplekken vertonen. Terwijl ik de lus om mijn hals aantrek, die beter werkt dan liters sterke drank. Mijn hulphond wekt me als ik in de woestijn land boven versteende lijken. 





ENGEL........ANGEL


Ik loop de zon in naar de open plek. Daar staat hij. Waar was je?  Oh zeg ik zo nonchalant mogelijk. Er is iets gebeurd. Ik kon plotsklaps de weg niet vinden. Ik ben er nu. Zullen we even gaan zitten. Hij is geenszins verrast.


HET HEEFT ZO MOETEN ZIJN.

SOMS GEBEUREN DIE DINGEN.

Soms ben jij er dan.

Niet zomaar.

Ik kom veel mensen tegen.

Sommigen vallen op.

Door iets ondefinieerbaars


Ze houdt zacht maar vastbesloten mijn hand vast en leest aandachtig de lijnen. Doordrongen van die mooie uitstraling staar ik gefascineerd naar haar. Haar humoristische kijk op wereldse zaken intrigeert me.


Je gaat op date zegt ze en lacht voluit. Ik lach met haar mee. Mijn luchtig blauwe jurkje lijkt ook te lachen. Je bent gul. Hoezo gul. Als eerste merkt ze dit op. Vreemd maar waar.


Je doet graag dingen met zijn twee. Gewoon zoals het woord eigenlijk al zegt denk ik. Twee... niet één ...niet vier. Zoals nu hier. Twee hoeft niet altijd samen te betekenen realiseer ik me. Ik kan en doe zoveel alleen immers.


Je zit al heel lang in iets verschrikkelijks. Kap ermee. Gelijk schoon schip maken vervolgt ze ernstig. En datgene wat je vroeger heeft getekend zo zwaar. Ik zal het niet benoemen zegt ze plots beschermend.


Wanneer ben je eigenlijk geboren vraagt ze haast verontschuldigend. Ik dreun het automatisch op.  Geen enkel probleem hier en nu met een wildvreemde verzorgd geurende oudere vrouw bij een tankstation. Het portier geopend aan haar kant. Waar ze nu kalm naast staat met mij schuin voor haar. Nog steeds met uitgestoken hand. Er is verder niemand.


Ik ben de weg kwijt.  Woods ingeprogrammeerd als wegwijzer. Totdat ik weinig meer wijzer wordt van de navigatie. Abrupt gestopt met de finish in zicht. Zo voelt het.


Het tankstation doemt op en voelt veilig als haven. Zo beland ik halsoverkop aan de hand van een prachtig en krachtig medium. Zo voelt het allerminst. Wij horen hier als vanzelfsprekend. Haar stem lijkt nu van ver te komen en galmt na je zult het allemaal alleen moeten doen. Alleen moeten doen. Waarom alleen denk ik. Ze waarschuwt met haar vinger NIET DOEN! AL DIE MANNEN DIE GAAN KOMEN.


Ze strijkt de zijkant van mijn hand. Je bent zakelijk. Aha weer in de roos.

Je gaat mooie dingen doen. Veel voor mensen betekenen. Het zit er al die tijd. Gebruik je gaves. Doe er iets mee.


Ik kijk haar onderzoekend aan. Ze zit nu lager kwetsbaarder achter het stuur. Haar benen buiten de auto. Klaar om haar Tom Tom een zetje in de goede richting te geven.


Plots klinkt mijn stem. "Bent u wel gelukkig?" Haar blije blik verstart. Alsof een donkere wolk voorbij trekt verdwijnt de zon. Zacht fluistert ze: " Ik ben hier nu voor jou. Niet voor mij. Voor jou echood na.


"Kom!" zegt ze "Volg me maar." Ze trekt definitief het portier dicht. Ik stap snel in volg kabbelend via donkergroen beboste lanen gedwee de weg. Haar oude trouwe vijfdeurs auto volgend.


Zo vertrouwd. We zijn er. Ze wijst. De bocht om. Het zandpad linksaf. En je bent er. Haar lichaam nadert het mijne. Haar woorden naast en in mijn gehoorgang. Vergeet niet wat ik gezegd heb. Ga er iets mee doen. Je hebt gaves. Echt en nu ga ik.


Kan ik u ergens vinden op internet? Je zult me nergens vinden. ME NOOIT meer zien zegt ze stellig. Ik probeer haar kenteken te onthouden. Het merk auto. De kleur. Het duizelt me. Niets beklijft. Ik kijk haar na. De auto verwijdert zich en raakt uit het zicht.







KLIMDROMEN


Een strict gescheiden meisjesschool met van die behoudende wereldvreemde ongetrouwde feeksen. Op het eerste gezicht leek het een uitgemergelde sadistische tweeling met identieke scherpe tronies. Superheks runde klas 6. Haar wat toegeeflijkere fragielere wederhelft klas 5.

Een saaie zware deur verbond beide lokalen met overigens opvallend hoge plafonds. 


Juf 5 Van de Heuvel was vaak ziek dan ging de deur open en werd het strenge 6 regime uitgebreid naar het aanliggende lokaal. Daar lieten ze je vervolgens eindeloos poedels borduren op een lullig kleedje.


Enorme ramen keken uit op een prachtig hellend restant van de ijstijd. Aan het eind van het opgestuwde land daalde het flink en stond je plots in een prachtig meanderend dal met breed overhangende klimbomen.


Met biologieles stonden we dan eindelijk oog in oog met wat we smartend achter glas hadden ontbeerd. Eerst werd het bloedheet als in een popcornmachine. Naarmate we meer richting het dal togen werd het vochtiger en geheimzinniger met planten met rare oren die we nog niet kenden.


Als we moe van het eindeloos klauteren en omlaag glijden en eindeloos luisteren naar de juf die plots losser en leuker leek terug slenterden over het hogere opgestuwde bijna altijd zonovergoten land reflecteerden de goud wuivende korenaren fel. Soms met plukken mais hier en daar. Verderop dorstende paarden met prachtige neergeslagen wimpers. Die met weinig schaduw genoegen moesten nemen.


Ik weet niet goed wat ik voelde als kind. Ik overleefde de status quo die thuis heerste. Ik ben eigenlijk een beetje door de tijd gehold. Plots studeerde ik en liet ik alles achter me. En vonden  knappe jongens me interessant leuk.


Nog steeds heb ik een hekel aan borduren en die ingelijste stomme steekjes als teken van noeste arbeid.


© KATTYA



DANS MET OPEN BREIN DE APOCALYPS


Het licht werpt zijn lange schaduw over de stapels dummies. 


"And this was really the way that my whole road experience began, and the things that were to 

come are too fantastic not to tell. "


Ik keer me om. Wazige blik stormvogelogen gevuld met tranen. Langs de zwart geverfde spiegelende kaptafel van bamboe langs eindeloze rijen met boeken en prenten baan ik me een weg voorbij de tedere Spaanse gitaar om mijn ontroering achter lange haren te verbergen. 


Citaat Jack Kerouac 

On the road.

"That is to say.

He was a young jailkid all hung-up on the wonderful possibilities of becoming a real intellectual and he liked to talk in the tone and using the words, but in 

a jumbled way, that he had heard from real intellectuals - although, mind you, he wasn't so naive."


Ik moet niet vergeten jou mijn kist te laten zien. Ken je die? Hij kijkt me aan met bleke ingehouden blik. Wat wil je zeggen. Op dit bed vol klankkleuren verzwaard met onverbiddelijk nachtelijk angstzweet. Je tengere vingers wijzen priemend naar de lucht alsof je het raam wil doorprikken. Pas op voor roodkeelduikers.

Daar is dat een tjiftjaf? Hoor je de gekte? Alles is er. 


"Later in the afternoon I slept when he got tired talking - he was an interesting talker."


Alles was er ooit. Een man, een vrouw, 2 kinderen. Ze lachen naar elkaar. Jubelende jasmijn met geurend babyhaar start haar prille leven en gaat op Poolexpeditie en pappa volgt haar verwoede pogingen de wereld te ontdekken. Elk voorwerp elk knopje dat ze met haar vlijtige breinbrekervingertjes aanraakt raakt zijn starende Albatrosogen. Verbaasd maar vooral aangedaan. 


Rebus voor jonge droomgeitjes met zon en boombeeldverhalen. Het kind moet het correcte woord te weten komen door de lijnen te volgen en de levensbrieven aan de lege vierkanten toe te voegen.


"I looked at the cracked high ceiling and really didn't know who I was for about fifteen strange seconds. I wasn't scared; I was just somebody else, some stranger, and my whole life was a haunted 

life, the life of a ghost."


Een bizondere dag. Onmogelijk bestaat niet.

Het is heet. Alles brandt zijn vingertoppen smelten in de zon. Zijn huid zijn ogen protesteren tegen zoveel licht. Zijn lippen beroeren zoekend daarna gulzig het glas.

De zon schijnt door het glas op de Oosters neergekrulde wimperranden.

De azijnfles met lauwwarme thee smaakt licht naar citroenijs.


"Then came spring, the great time of traveling, and everybody in the scattered gang was getting ready to take one trip or another."


1983 net 23 kijkt hij naar de zuchtende lucht de schreeuwvluchten van meeuwen.

Donderstemmen aan het firmanent. Een crytogram dat de uitkomst afleidt.


Het lijden van willekeurig wie. Hard keihard liefhebben. Als wie gul is is het dan geoorloofd? Charmant misschien. Algoritmes sturen je steeds mijn kant op. Je ziet maar een fractie. Een zeearend klappert.


Middle aged gaan ze aan alle zijden hem voorbij. Retro schaduwen. Reuzenzwartkopmeeuwen die er het zwijgen toe doen. De bal ploft over het net.


Al onze gegevens worden als de huid van de beer verkocht over onze hoofden.


Ze zijn leniger nu. Ooit was hij topatleet. Een met de bal. Hoe werkt dat? Magneten verliezen hun houvast.


Er hangt een mega hinghangspiegel op een muur achterin die alles fotografeert registreert. Zou er een geheugenkaart inzitten.


Het gordijn gaat niet opzij voor zijn gedachten. Energie stroomt. 

Lucht stroomt.

Adem stroomt. Gedachtenstromen. Dromen vooral veel dromen, die astraal oplossen in pastelblauwe waterverf.


Een heel leven schuchter gevat in een diepdonkere boekenkist. Eindeloze dag - en nachtgedachten. Lachmeeuwen scheren weg van de spankracht.


Hij hijgt en komt. Opgekruld als een dier. Zijn adem stokt even. Het is stil. Hij hoort het knippen van de wind.


"In no time at all we were back. "

"The road must eventually lead to the whole world."

1999 De trein dendert het Millennium in. On the road again. 


Zeelieden hadden vroeger op hun lange reizen weinig ander gezelschap dan zeevogels.


Ze wacht tevergeefs. Begrijpt zijn stiltes niet,  denkt hij. 

De ene keer is ze donker en zacht. Dan licht als goudsbloemen. Brede heupen die hem dragen wanneer hij blauwzwart de binnenkant van zijn brein verkent. Ogenwit rollend en handen als een chirurg die elk bot en spier ontleedt met de grootste precisie.


"I didn't care 

and we got along fine - no pestering, no catering; we tiptoed around each other like heartbreaking new friends."


In Noord-Brabant is onlangs een grote collectie van fossiele vogels gevonden. De collectie bestaat uit meer dan 200 botten en fragmenten en is de grootste en meest diverse ooit binnen Europa gevonden. 


De collectie is gevonden in aardlagen die van mariene oorsprong zijn, en dat is terug te zien aan de soorten die er zijn gevonden: voornamelijk albatrossen, pijlstormvogels, jan van genten, alkachtigen en eenden. 

Daarbij zijn verschillende soorten die totaal nieuw zijn voor de wetenschap.


Deze collectie maakt een vergelijking mogelijk tussen fossiele zeevogels die zijn gevonden in de Verenigde Staten en Europa, waardoor voor het eerst een bijzonder compleet beeld ontstaat van de zeevogels van de Miocene en Pliocene Atlantische Oceaan.


Amor en psyche.

Hij bevrucht de aarde dagenlang met onuitgesproken woorden. Vlagen van verstandsverbijstering. Telkens wanneer hij verdwaalt in haar schoot. Lipstick op naakte huid.


"Come on man, those girls won't wait, 

make it fast." 

Van het een komt een heleboel ander tot er niets overblijft


"I said, Hold on just a minute, I'll be right with you soon as I finish this chapter and it was one of the best chapters in the book. Then I dressed and off we went."


Hij tuurt naar het vliegtuig op rampkoers naar de zon.

Zal ik nu een foto nemen denkt ze. Ze ziet wat hij ziet. Ze wendt haar blik af. 

Hij ziet haar niet.

Waar zou u meer over willen weten?


"We leaned on eachother with fingers waving and yelled and talked excitedly."


Hoge witgekalkte muren galopperen weg veranderen van naam. Ze worden nooit meer teruggevonden.


Met name de gevonden keerkringvogel duidt op veel warmere subtropische temperaturen dan de huidige in Nederland. 

Hoevéél kan de zon soms branden op één zomerdag!


"He watched over my shoulder as I wrote stories, yelling:


«Yes! That's right! Wow! Man!» and «Phew!» and wiped his face with his 

handkerchief. 


«Wow, there's so many things to do, so many things to write! 

How to even 

begin to get it all down and without modified restraints and all hung-up on like literary inhibitions and grammatical fears . . .»" 


Achterwaarts de tunnel in. Hij kent de nieuwe smaak van de aarde niet meer.


"Nonetheless we understood each other on other levels of madness."


Alles is er mannen in extreme bloemenkleding fletse flarden hijgadem

chemtrails en ik maak me gereed de eerste keer naar het Westen te gaan.


"Because the only people for me are the mad ones, 

the ones who are mad to live, 

mad to talk, mad to be saved, 

desirous of everything at the same time, 

the ones who never yawn or say a commonplace thing, 

but bum, bum, bum like fabulous yellow roman candles 

exploding like spiders across the stars and 

in the middle you see the blue centerlight pop and 

everybody goes «Awww!"


"I promised myself to go the same way when spring really bloomed."

and opened up the land. 


zandkorrels stuiven verrukt

rollen parelmoerijs met pretzels

handen betasten fier zee

windvinders op kustbalkons

het innige schouwspel

op het netvlies ontroert

anders intens die dag


de rock & roll zoektocht naar garnalen en 

mosselen van de rastahond vond plaats

op het strand die andere dag


gladde bekraste glasplaten doorzien

motieven die beslissende dag


waterkorrels lonken verrukt

handen betasten zacht zee

mikado op het netvlies

ontroert anders intens die dag


And this was really the way that my whole road experience began, and the things that were to come are too fantastic not to tell. 


Het schelpenzand prikt tussen tenen. Het net vangt de lucht steeds weer. Krabben kruipen diep weg in de modder.

Er ploft een bal.

Ergens kraakt de ijskap

Ergens drijft een witte poolbeer eenzaam weg op een ijsschots.


* alle Engelse citaten 

COPYRIGHT © 1955, 1957 BY JACK KEROUAC - On the road 


© Kattya