MOONCHILD POETRY by Kattya

MOONCHILD POETRY by Kattya

Menu

LION          LEEUW.....Blik in de verte

LEEUW


Blik in de verte




Voltaire  “If God did not exist, it would be necessary to invent him” 







LEEUW   INHOUD



DEEL 1.           VUUR

DEEL 2.           WUIVENDE HALMEN

DEEL 3.           AARDE

DEEL 4.           ANJERS

DEEL 5.           ZWART FLUWEEL

DEEL 6.           STROHALM

DEEL 7.           DE OVERZIJDE

DEEL 8.           ZONNEGLOED

                       POSTSCRIPTUM

DEEL 9.           WATER





DEEL 1.            VUUR


Mijn ogen, mijn brein filmen. Alles, overal. Mijn geheime kamer openbaart ze de beelden. Ontvouwt, ontleedt de kraanvogels.

Vaak gloort er een weemoedige glimlach. Soms striemt het verleden als heden in mijn gezicht. Het verhaal heb ik nooit verteld. Beelden van de fluitende man, de transpirerende vermoeide vrouwenblik, doktoren, een achter gelaten blauwe vintage Adidasbroek, vervreemde figuren, een boer verderop met alleen zijn tractor, slagers, priesters, vluchtelingen, dichters, calculerende types, eenvoudige welwillende mensen, voorspellende gewelfde vrouwenmonden, uiteenlopende aparte karakters.

Contouren van moedige, vrijgevochten, anderzijds benauwende angstige levens. Tijdens mijn leven richten jullie je ogen op mij. Daarbij zag ik jullie. Ik geef toe. Het deed me veel. Vanaf mijn prille ontstaan keek ik heel bewust naar jullie. Dichtbij en toch onbereikbaar.

We reisden naar het eind van de nacht, de straat, de heuvels, de schaduwbergen ver weg, de grintgaten, dichtbij. We vormden samen een steeds andere melodie. Voelden elkaars warmte. Zagen elkaar soms wakker worden. Wensten elkaar fijne dingen. Wensten elkaar.

Ik ken de keien, paden, snelwegen, de trappen naar de kerk, de onregelmatige tuin, villa's, flats, boten. De geur van aslades, geparfumeerde sigaren, verse aardbeien, grint, hooi, dampende aarde en zwart water. De geur van het stoffige kippenhok, van pronkende perziken. Appels, goudgele pruimen loom hangend over de muur van de nonnentuin. De textuur van gras en zand alsof ik er altijd was. Neem me mee de zon in als een kraanvogel. Op zoek naar alles vooral geluk.

De wereld houdt niet op. Het gaat erom dat ik op zoek ga als passant. De oversteek maak te voet. Ik knipper met mijn ogen en ben 5, Geopereerd met de bloeiende kersenboom voor het raam. Ik knipper en plots ben ik 13,  21. De kersenboom bloeit dit jaar zonder jou.

Ik bezoek de oude plekken. Hoor de planken kraken. We waren dwaas. Aten kerstkransen uit kerstbomen. Dansten bezield tot de ochtend overging in helder gekleurd lawaai. Ze betekenden iets. We vatten vlam. 


Come on baby light my fire

Light my fire - The Doors


Gitzwarte ogen strak gericht op zware brokken steen. Met touwen maakt hij ze vast. Minutieus controleert hij of alles houdt.

Een doodskreet galmt in de stilte van deze broeierige nacht. Inktzwarte ontbladerde takken reiken wanhopig naar de hemel. Verwijde pupillen reflecteren zwart geblakerde resten van de eens dromerige kapel. Eerder bij daglicht een vriendelijk ogende idyllische verzameling gebouwen samengeperst tot een amulet.

De uitdijende schaduw omkranst het brein dat plots fluorescerend oplicht als een misleidend baken. Een wrede lach echood na in de nacht.


The time to hesitate is through

No time to wallow in the mire

Try now we can only lose and our love

can become a funeral pyre light my fire

Come on baby light my fire

Try to set the night on fire

Light my fire - The Doors


Norbert schrikt proestend wakker. Wurmt zich met moeite uit het doorgezadelde bed in de nis en schuift verontrust het vale inbetween gordijn opzij. Het gezette lijf van de koster ijsbeert onafgebroken door de kamer. Zuchtend veegt hij dikke druppels van zijn kalende voorhoofd. 

De gedateerde levensgrote wekker met indrukwekkende metalen alarmbel en gevaarlijk puntige wijzers laat er geen twijfel over bestaan. Kwart over 5. Te vroeg.  Hij schraapt zijn keel neemt een slok water en klimt weer in zijn warme bedstee. Een mens heeft zijn nachtrust bitter hard nodig realiseert hij zich en gaat gelijk in zijn reguliere slaaproes.


Terwijl hij zich een weg baant door dicht struikgewas ruikt en voelt Jonas de humusrijke grond licht meebewegen.  Zo nu en dan kraakt kreupelhout onder zijn zware zwarte werklaarzen met dikke spekzolen.  Half geknield wacht hij vervolgens muisstil tussen twee boomreuzen. Zijn blik is fel, hongerig. 

Uitdrukkingsloos ligt de donkere pezige man op de keiharde houten bank. Hij voelt de kilte in zijn botten en staart nietsziend naar het plafond. Het hoog opgetorste serene Mariabeeld gehuld in prachtig goudbestikt gewaad kijkt hem meewarig aan. De serene glimlach betovert hem. Haar gezicht ademt puurheid. De rijen gekerfde banken zwijgen boven afgesleten marmeren tegels. Diepzwart glanzend waar hij zojuist minachtend spuugde. Het is er koel. Het stelt zijn doorgaans vermoeide maar nu alerte lichaam en geest in staat buiten hemzelf te treden. De barokken fragmenten ontgaan zijn blik. Zijn spieren en aderen spannen zich.  Jonas ademt diep in. Dit wordt zijn nacht!

Here comes  the story of the HURRICANE

- Bob Dylan


Ze schrikt als een schaduw plotseling naast haar opdoemt. Een grote klemhand sluit zich hermetisch om haar mond. Longblaasjes protesteren. Smeken in de abrupte leegte zonder enig geluid. Ruw touw snijdt diep door zacht vlees. Omklemt gebiedend bundels, pezen, spieren die zich met alle kracht  verzetten.  Ze voelt zijn bovenmenselijke dierlijke kracht. Hij duwt haar achterover. Benauwd, machteloos, rillend sluit ze haar ogen.

I heard it through the grapevine

 - Marvin Gaye

Nauwelijks ontwaren haar wild verwijde pupillen iets door de schurende blinddoek. Slechts een vage streep licht. Bruut drukt hij tegenstribbelende armen ver naar achteren. Haar fijn gevormde mond plakt hij nietsontziend af. Ruwe handen betasten haar naaktheid. Eerst langzaam. Het harde touw snijdt steeds dieper in zachte dijen. Met zijn wrede mond, zijn ruwe handen kneedt en bijt hij wild haar borsten.

Zijn taai gespierde lichaam glijdt als een wurgslang over haar heen. Penetreert haar keihard. Beukt, spiest genadeloos. Likt schuurt zucht steunt. De weeëige geur van oud zweet. Pijnscheuten vierendelen huid, buik, venusstreek. 

Gehijg gaat over in lange uithalen. Heel even blijft het doodstil. Hij trekt haar naar voren. Gevoelloos bungelen haar lange benen krampachtig over de ruw houten rand. Hij duwt ze uit elkaar. Zijn gulzige mond, zijn woeste tong penetreren ongedurig haar lichaam. Hij werpt haar andersom. Bespringt haar. Haar gepijnigde billen omhoog. Alles is er en gaat voorbij. 


Ik zie het vuur van hoop en twijfel in 

je ogen en ik ken je diepste angst want

je kunt niet zeker weten en alles gaat

voorbij maar ik geloof. Ik geloof.  Ik

geloof. Ik geloof. Ik geloof in jou en mij

De avond - Boudewijn de Groot


Waar het kruipende ijs het land heeft opgeduwd lispelen tanige bomen. Immens bebladerde armen beschermen met hun schaduw het landelijk dal met de altijd mijmerende beek.


Het is vandaag vroeger licht dan anders. Afgewaaide takken knarsen onder zijn Nike extreme running shoes.

Alex loopt zijn gebruikelijke rondje langs de krakend witte sputterende watermolen. Samen geklitte diepbruine schapen kijken loom op. Verderop langs de kabbelende beek neemt hij de bocht bij het kerkhof. Knotwilgen schieten allengs sneller voorbij nu hij een lekker tempo heeft.

Vandaag voel ik me fit. Fantastisch in vorm. Alle inspanning is niet voor niets geweest denkt hij euforisch. Voldaan kijkt hij over de velden die hij eerst van onderen ziet en nu plots hoger gekomen vanuit een ander perspectief. Nu zou hij richting de voetbalvelden lopen eerst langs de bijna in het zonlicht poserende donkerbruine paarden. De dampende gitzwarte manen. De manege vol hooi. Alex ruikt ze zelfs van deze afstand. Vanochtend ga ik voluit besluit hij in een opwelling, terwijl hij het smalle bochtige steeds klimmend dan weer dalend pad vervolgt tijdens zijn spurt. Uiteindelijk kom ik toch wel waar ik wil zijn.



Roodgele verfstreken verlichten het dal. Een chinese lantaarn die uiteindelijk dooft. Het bewegingloze mannengezicht zwijgt tussen het dichte struikgewas. Een vogel klappert ongedurig tijdens zijn laatste uitkijk vanuit zijn nest. Het wordt snel nacht.

De schaduw van een jonge vrouw. Haar tred verraadt haar. Leeuw weet dat het laat is. Ze is toe aan even haar hoofd leegmaken na de abrupte scheiding. Met alleen een koffer met wat kleren en enkele nonchalant volgepropte plastic tassen, haar aktentas met tablet heeft ze alles achter zich gelaten. Sinds kort woont ze weer op zichzelf. Het voelt goed. Eerst onwennig. Inmiddels zijn er heel wat stappen gezet.

Het is hier heerlijk. Opstijgende zwoele lucht verwarmt haar hart. Ver weg hoort ze geblaf. Nog verder weg het zacht monotone geluid van de Napoleonsbaan die net als waar zij nu loopt, ergens via enkele haarspeldbochten naar België leidt. Bij de zacht opwaartse glooïng slentert ze via rijkelijk met geelgoud bezaaide boterbloemenhelling omhoog terug naar het dorp. In de verte ziet ze de contouren van de missplaatste vrij nieuwe kerktoren die korststondig oranje rood oplicht. Een schril contrast met de monumentale kerkmuren eronder met lichtzure geur. Ze besluit door te lopen. Hier en daar een puntige kei ontwijkend door een ploegende boer aan de oppervlakte gelegd. Ze slaat het weelderig begroeide steeds smaller wordende laantje in. Bij de picknicktafel zijgt ze verwonderd neer. Op  de punt van het bewegingloze bankje wolken vage herinneringen.  Dat moment dat ze voor het eerst samen wilde paddestoelen risotto met zalmfilet aten met ijskoude cava. Naast een korststondige brain freeze liet elke streling van zijn handen en stem haar bloed kolken en smaragdgroene ogen tintelen. De oker toverbal gaat gestaag onder. 


In de donkere nis raakt zijn ruwe drie dagen stoppelbaard het onregelmatige glas in lood. Diepbruine knikkers met zware zwarte wimpers reflecteren hels door het kleine vierkante raampje.


Net nog zat hij op zijn grommende tractor met intens zoekende schijnwerpers die de glooiende voren van zijn akker accentueren. Een steeds repeterend doolhof waar hij uiterst geoefend de weg kent.


Stoere mannenlaarzen vol klonten klei drukken zwaar op de symmetrische grijszwarte klinkertjes van het kapelletje. Het zwart leien dak verborgen onder een groene oase. Warm lokkende muren waartegen hij met zijn knieën steunt raken heilige grond. Leiden hem zacht maar dwingend naar het sacrale altaar. Versierd met ranke vazen vol verse bloemen vergezeld van hoge zware kandelaars die hoog reikende kaarsen torsen met intrigerende afbeeldingen. Met de punt van zijn geruite overhemd veegt hij het snot van zijn neus af. Zijn ogen prikken. 


Het huisje van Nazareth baadt bijna net zo in de zinderende zon in het zonnige Italiaanse Loreto . Daar is hij nog nooit geweest. Dat weet hij 100% zeker. Nooit ging hij weg. Weg van zijn vertrouwde trekker en de roep van zijn zware ijzeren ploeg.


Hij moet hier zijn. Op deze levensechte intieme plek. Hij kan werkelijk niet anders. Niemand die hem zo begrijpt als deze unieke vrouw. Die hem Jonas, niet veroordeelt om zijn slappe houding, zijn neerslachtige buien. 


Hello darkness, my old friend

I've come to talk with you again because a vision softly creeping left its seeds while I was sleeping and the vision that was planted in my brain still remains within the sound of silence

The sound of silence -Simon and Garfunkel


Via de ingang in de zijbeuk vullen zijn stoffig behaarde neusgaten zich trlllend met bedwelmende geuren van eindeloos brandende kaarsen. Diep snuivend steekt hij er een aan. Zware vierkante knuisten met donkere nagelranden lichten heel even op. 

De witte lont raakt de de kortere brandende lont met veel moeite. Tergend stijgt de hete lucht naar zijn bruin bezwete voorhoofd en vermengt zich langzaam met zijn vette haar.

Kaarsengloed verlicht spookachtig zijn gezicht. Andere vrouwen - allen bespottelijke gekmakende hoeren - zijn stuk voor stuk verdoemd. Hij vervloekt ze. Deze offergave vol zaligmakend licht is voor zijn enige échte vrouw. Prevelend dan weer neuriënd bidt hij het AVE MARIA. In prachtige gouden letters dansen haar woorden voor zijn ogen.

Ave Maria,

gratia plena, Dominus tecum.

Benedicta tu in mulieribus,

et benedictus fructus ventris tui,

Jesus.Sancta Maria, Mater Dei,

ora pro nobis peccatoribus,

nunc et in hora mortis nostrae.

Amen.

VERDOEMENIS


Diep brandt verdriet. Leed om nimmer een zoon. Nooit pretoogjes  en een fijn hoge lach van een nieuwsgierig meisje. Nooit blijkt definitief. Nooit de hevige innigheid van een huwelijk met een prachtige vrouw. Een bijzondere vrouw die hij nooit zal aanbidden. Waarvoor hij nog harder zou werken. Een vrouw met de prachtigste borsten die hij onophoudelijk zou beminnen. En zij hem! Om zijn volharding.


Het dikke leren opengeslagen boek met intenties landt hard op de grond. Hier knielt men langdurig slaafs vol eerbied. Hij niet! Hij bepaalt en doet met haar wat hij wil. In de eeuwenoude ontvangstruimte vol flamboyante muurschilderingen ombiest met krullerig maagdelijk stucwerk stijgen maagdelijke gebeden op. Ze gaan zijn pijn verdrijven.


Te intens voor zijn oog en zijn geest. Fiere processiekaarsen, wachters voor dag en nacht. Hij wil ze wegrukken. De beelden die als stille getuigen in puntvormige nissen staan kapotslaan. Laten merken dat hij er is. Vol opkropte minachting spuugt hij op de grond .


Ik zie het vuur van hoop en twijfel in je  ogen en ik ken je diepste angst.

De avond - Boudewijn de  Groot

DEEL 2. WUIVENDE HALMEN

Wie wijst de weg vol moed? Vol metronomen en tromgeroffel?

STOP - PAY- TOLL Italië. Oneindige avondladingen metropolis.

Mensen verdringen elkaar. Razen voort. Voort met monotone bewegingen. Doorkruisen tijdzones in alle richtingen. De wereld één continue ruimte.

Als aquaducten trechteren de talloze dromen, die jij nooit zag. De beelden van hete zomers, het blauwste blauw in de Sixtijnse kapel, Biarritz, tombes, dansende paarden, ijzig Andorra, duizelingwekkende afgronden, rotondes, kastelen, lochs, trappen naar restaurants, theaters, het zwembad op ons cruiseschip, het Moulin Rouge, vergezichten vanaf de Sacré Coeur, rouwende altaren in Oslo, onze voeten koelend en spetterend in oud Romaanse waterbekkens, eeuwenoude kerkmuren, abdissen, oude en jonge mensen onder knipperend discolicht.

De beelden zijn vervaagd. Ik zie ze niet meer helder. Wie ben ik. Waar sta ik als de herfst komt. De laatste zomer komt.

Telkens de knoestige waan de tijd te kunnen stoppen. Glimlachen en glimlachen zien besterven. Tranen zien bevriezen. Schoonheid zien en zien verwelken. 

Toch komt de lente. Je ziet mijn ogen niet. Ze glimmen van emotie.  Glommen ze toen je aan ons dacht. Een laatste reflectie.

Ik schrijf met iedereen in de hoofdrol
hemel en hel. De spiegels van marmeren dromen. Alles of niets

Kalm als een meer, borrelend als de Etna stelen jullie telkens mijn blik. 


Een jaar of 11

schat ik haar

Blond oranje

bruine manen


Liggend in het hoge

mals vochtige gras

waar ze haar allereerste

tintelingen voelt


Alsof een vogeltje

plotseling zacht

begint te fluiten

bij de eerste

zonnestralen


De rest als

één orkest

de zon helpt

opkomen


And I howled and I cried when the melody died the song was finally over there was nothing to say words stole away

Their meaning lost in the ether what there was left stopped making sense

A broken up alphabet language dispersed

I just can’t hear the beautiful anymore  - Fish


WAT VOORAF GING

Toe fluit nog even!? Het einde van de saaie vijftiger jaren nadert. Tijd voor verandering. Liefdeslessen! De roaring sixties !! De deur naar veelbelovende jaren, eerst op een kier, gaat vervolgens wijd open.


Ex-fan des sixties petite Baby Dolle comme tu dansais bien le Rock 'n 'Roll

Ex-fan des sixties où sont tes années folles Que sont devenues toutes tes idoles 

Où est l'ombre des Shadows, des Byrds, des Doors, des Animals, des Moody Blues?

Séparés Mac Cartney, George Harrison

et Ringo Starr et John Lennon

Ex-fan des sixties petite Baby Doll comme tu dansais bien le Rock 'n 'Roll

Ex-fan des sixties où sont tes années folles que sont devenues toutes tes idoles ?

Disparus Brian Jones, Jim Morrison, Eddie Cochrane, Buddy Holly Idem Jimi Hendrix, Otis Redding Janis Joplin, T.Rex, Elvis

Jane Birkin - Ex-Fan Des Sixties


ZAAL HOUSEMANS

Opgeschoten jongeren gehuld in kringelende sigarettenrook. Overmoedig drinkend Elkaar overtroevend. Indruk makend op hun liefjes in weelderige met bloemboeketten bezaaide jivejurken. Kleverig dansend op de swingende tonen van het fraai gekapte indi-rock orkest de Ramonas. Getooid met Buddy Holly kuiven zwepen gillende gitaren de passionele roes hoog op. Op de dansvloer krioelt bloedheet verlangen. Boven hun vindt de eerste ruimtewandeling van Alexei Leonov plaats.

De deur is nu wijd open. Welkom in de onbezonnen, zojuist ontgonnen Sixties. Wild bruisend met copy cats van Twiggy,  Provo's, langharige nozems. Love and Peace. Hippies op Woodstock. Hair. Creedence Clearwater Revival. Neil Sedaka. Peter Koelewijn. De koude oorlog. De moord op John. F. Kennedy . Martin Luther King, Malcolm X, Joan Baez en Bob Dylan protesteren. Als tegenhanger  De eerste man op de maan. Pop Art. De minirok. LSD. De Beatles. De Volkswagen Kever. Kreidlers. Puch. Zeezenders Radio Veronica. The Doors. Jan Cremer. Jan Janssen wint De Tour. De Rolling Stones schreeuwen het uit: " I CAN'T GET NO SATISFACTION!!"


*

BRUIDSTAART

Het poortje sluit piepend achter hem. Hij nadert de deur. Glimmende schoenen verraden zijn doel.

Twee maanden eerder sluit Oost Duitsland  West Berlijn af en maakt een begin met de bouw van de Berlijnse muur. Niemand kan meer vluchten.

Plechtig gaat de bel. Even knippert hij met diepe verwondering, wanneer een sensuele lichtstraal haar ivoorkleurige taften jurk fel oplicht. Teder voelt zijn kus op blos en gouden sproeten. Zij kust zacht uitnodigende lippen in zijn mysterieus bruin gelaat. Glanzend donker haar raakt speels haar wang. Klokken luiden. We schrijven 1961. Het jaar van de ontdekking van het tot dan toe onzichtbare quarkdeeltje.


Afscheid van basis Volkel en onzichtbare straling. Na de plots opdoemende ziekte waarna hij eindeloos geheimhoudings formulieren tekent siert het luchtmacht uniform zijn soepele lichaam. Een man. Zijn verlengde vaderlandsplicht zit er op. Enkele maanden later schrijdt de wit zwarte stoet plechtig richting de Abdijkerk. Gehuld in wuivend ivoorkleurig taft de blanke rode bruid met sproeten. De adonis aan haar zijde matcht smaakvol in zwart strak gesneden pak. De flinterdun gestrikte glimmend grijze das wijst de weg naar een glanzende toekomst.


Een mooie morgen . Kwart over 10

Hij in het grijs en zij in een wolk van tule

Zovele vrienden kwamen hen zien

Zij kregen alles van fonduestel tot pendule

Er werden tranen weggeveegd op het moment dat het ja-woord werd gefluisterd

De dag was mooi voor een nieuwe sprong in het duister

De sprong in het duister - Peter Koelewijn


*

De baby huilt. Zwart eskimohaar omringt het luid aanzwellend geluid. Winter 1961. De koudste sinds mensenheugnis. Die zomer wordt speciaal. Het zaad op de zonovergoten velden kiemt tot mooie zware rijpe wuivende halmen als nooit tevoren. Leeuwtje is haar eerste. Een echt leeuwenkopje dat zich zonder noemenswaardige problemen presenteert.


Tijdens het ramen lappen die middag valt ze bijna flauw van pijnscheuten in haar onderbuik. De houten zitting, glad van de vele dagelijkse bezoeken met het diepronde zwarte gat pal in het midden biedt uitkomst, denkt ze heel even. Ze zegt de paniekgedachte vaarwel die haar even overmeestert en klam aanvoelt. Want bijna is haar kind in vliegensvlugge vaart in de gierkelder beland. Totdat ze plots helder van geest denkt nu baren. 


Heilige Maria moeder van God. Haar schietgebedje helpt. Ze heeft nu haar kind. Ze neemt leeuwtje huilend aan haar borst en dankt Maria. Helpt zij haar niet telkens? Deze stille maagdelijke vrouw die haar als een engel voorkomt. Alles is plots anders. Ze kijkt dankbaar naar het guitige hoopje. Gulzig getuite lipjes en dikke klemhandjes graaien naar haar volle pronte borsten.


Aan de overzijde van de oceaan bidt Amerika voor de hoogblonde sexbom Norma Jean Baker. Marilyn met volupteuze rode lipstick en vormen zwoel voor de president zingend eindigt tragisch als la Monroe. Het is 5 augustus 1962. Leeuwtje schatert. Ze is een dag oud. 

 

Seizoenen komen en gaan. Na 2 jaar volgt een lekker vol kind met heerlijke kussentjes. Een prachtig tweede meisje. Binnen 17 maanden ligt het lang verwachte smalle jongetje, de latere witkees, moe in de wieg. Vaak ziekjes met bleek gelaat. Dunne armpjes met daarnaast een speelgoedje.

Het drieduizend ruiters en infanteristen tellende terracotta leger uit de Han dynastie 154-112 BC maakt indruk.

*

 

IJskoude kille alles bevriezende winters domineren alsof een nieuwe ijstijd zich aandient.

Het is 1965 als de Culturele revolutie gestalte krijgt. Mao Zedong legt ze vast in zijn rode boekje.

De antieke sledestoel wordt hals over kop van zolder gehaald en imponeert op zijn oude dag. Imponerend zijn minstens ook de hoog opgetorste sneeuwmassa's. Zacht sponzig met gaten als badbubbels. Een bad is er alleen nog niet in de eenvoud van die tijd.


Houtstokende kachels met zware loeihete deksels waar achter het gretig alles verterende vuur loeit en de asla telkens vult. Oma staat licht gebogen in trance klaar om zijn gretigheid te stillen.


Opa rookt pijp. Met bijna dicht geknepen ogen van genot roert hij met een vork het rauwe ei in zijn op turkse wijze gezette naar niets smakende koffie. De hammen van eerder volgepropte varkens hangen als trofeeën schuin in een speciale hoge nis uitdagend als de dikke dijen van een vrouw klaar om verorberd te worden met een goed glas jenever of verwarmde gouden cognac. Daaraan moeten de verzameling witgrijze gerimpelde mannen zich ongelimiteerd steeds weer overgeven.

 

De mannen stoppen eensgezind bruine tabakssnippers in hun uitnodigende pijpen en blazen bedachtzaam kringelende rook naar elkaar die samengaat in een dampwolk. De hardheid van het bestaan even vergeten en die letterlijk weken in smeuïge verhalen. Opa getaand. Handen als kolenschoppen met grote bruine nagels zwart van het in de aarde wroeten

Diezelfde zware man was nu even branieachtig en jeugdig. Loom achterover leunend in de enige luie stoel met oren die hem letterlijk omklemmen.


Wanneer hij op zondag naar de kerk gaat kijk ik met grote ogen vol eerbied op naar zijn rechterschouder die er niet meer is. Hels werken heeft hem letterlijk verteerd en nu help ik hem in zijn jas met aan een kant een schoudervulling zó groot. Mooi is hij dan. En recht opeens! Kaarsrecht. Plechtig met hoed gaat hij dan over grijs blauwe kinderkopjes die zijn voeten telkens kietelen naar de kerk.


De klokken luiden. Hij doet er drie minuten over de bocht om naar rechts. Langs de hoge muur van de begraafplaats die met hem meebuigt naar links en plots helt. Het kerkgebouw met meters hoger gelegen prachtig gekerfde deuren slokt hem weldra op voor de eeuwigheid .


*


Mijn jongste tante Chris houdt me stevig vast. Héél dicht tegen haar ranke lichaam. Ik voel haar liefde stromen. Een warme tsunami die uit haar hoofd via haar glanzende lange onaardse lokken zo neerdaalt in mijn leeuwenhart. Ik volg haar blik en wijzende vinger. De kleine wollige lammetjes in het frisse groen biologeren me mateloos. Zelfs als ik mijn peuterogen sluit zie ik ze achter mijn wimpers dartelen. Zo zacht en lief net als mijn gevoelige tante.


How many times can a man turn his head. The answer my friend is blowing in the wind. - Bob Dylan


*


Het varken gilt. De krijsende echo vermengt zich met warm dik felrood bloed. De enorme dampend hete ketel produceert wagonladingen worsten, balkenbrij, zult. Flitsen van bascules, aardappelen, grote zware koperen loodzware gewichten met oren gemaakt om te tillen.i

*


Onderbroken door het stuur zie ik het voorste fietswiel. Twee zwarte eindeloos rond draaiende helften. De wind wuift wild door mijn blonde haren. Vanuit het kinderzitje heb ik een prachtig uitzicht. Mijn moeders lichaam verwarmt me. Haar handen aan weerszijden geven de richting aan. Dit keer een kort tochtje. We stoppen op de enorme binnenplaats. In een hoek rechts van De Groote Hegge bevindt zich een grote hoge ren met daarin sneeuwwitte bollen blaffende wol. Schattige keeshondjes met roze tongetjes. Guitig bruine amandeloogjes met inktzwarte kern die me vrolijk toewuiven. Ze springen voortdurend op. Wie het hoogst springt wint het opwindende spel.


Van de stoer verweerde betonnen brede hoge trappen daalt een vriendelijk ogende vrouw af. Ze opent glimlachend de ren. Het eigenwijze kopje van Rexi kijkt net uit boven de ritmisch heen en weer schuddende rieten boodschappenmand. Zijn kraakwitte oortjes staan nieuwsgierig gespitst. Verheugd trappel ik. Ik kan haast niet wachten tot we thuis zijn.


*


Feed your head Feed your head - Jefferson Airplane -  White Rabbit


Leeuwtje leest het boek aandachtig. Blad na blad graveren de woorden haar hersenen. Rijk worden doe je door te lezen. Rijke gedachten te mooi om waar te zijn. 's Nachts schudt de twijfelaar. De afdruk van haar gezicht ontploft in haar kussen als de leegte in haar hoofd. Lange haren striemen alsof.


*


Lente


De zon verlicht fel het grote ultra zachte bed. Mijn zus en ik zonnebaden. De griep vergeten we zo in deze ark van oma.


Sinaasappels. De smaak van eerst je tanden door het zachte vlies. Dan glijdt sap pittig zuurzoet over mijn tong rechtstreeks mijn keel in. Dankbaar wachtend op een volgende sapexplosie.

 

Felgeel bewegende bolletjes met iets van vliesjes. Vliesjes die op en neer stappen en snaveltjes die luid kwetteren. Ik kan mijn geluk niet op. Het is Pasen met alleen maar geel donzige kuikentjes.


*


Zomer


Langs de weg richting Wessem wandelt een opa met zijn kleindochtertje. Haar kleine zachtbruine handje vol vertrouwen in de diepe groeven van de zijne. Ter hoogte van de hoge kleiberg - reservevoorraad voor de steenfabriek - stopt de knoestig bonkige oudere man. De zeis zoeft soepel door de berm. Vers gemaaid gras vermengd met kruiden verdwijnt in de juten zak. 


Het meisje kijkt toe op gepaste afstand. Opa neemt haar handje weer beschermend in zijn handen. Hij praat op kinderlijke toon. De wind verwaait hele zinnen. Konijnenvoer hoor ik nog net. Hij veegt behoedzaam haar pony uit haar ogen en buigt zich steeds over haar heen als ze iets vraagt met haar hoge stemmetje. Haar stoere beentjes stappen. Haar blonde paardenstaart wijst richting huis. 


*

 

Vakantie


Zorgvuldig opeen gestapelde veilingkratten vol stuk gelezen boeken. Hier en daar een beeldje. Een klein laag raam met als je bukt uitzicht op straat en de geordende tuin met keurig hekje van de overdreven nette buren aan de overkant. Ik ben met vakantie en neem de nieuwe omgeving gretig in me op. Beneden alleen maar cactussen in alle maten elkaar verdringend met messcherpe speer vormige naalden.


Onder het schuine dak een afgehaald bed. De bijbehorende smetteloos geschrobde matras reflecteert pontificaal de zon in de tuin. Een blos van schaamte op mijn toet. Ik voel vooral treurnis die dramatische mensen elkaar nou eenmaal schijnen te moeten aanpraten. 


In het holst van afgelopen nacht heb ik stlletjes naast mijn oudste tante in het grote ledikant geplast. Ik plas nooit in bed. 

Heel even was ik de controle kwijt. Niet iets waar je van tevoren over nadenkt. Nu wist echter de hele buurt ervan.

De donkere langzaam opdrogende vlekken spreken boekdelen. Niet bewust en eenmalig. Echt het is de nieuwe omgeving. De even angst die me daar bevangt. Het niet durven of zo.


Yesterday and days before

Sun is cold and rain is hard

I know It can't stop I wonder

Have you ever seen the rain - Creedence Clearwater Revival

 

Maar alles heeft zijn ordening. De stekelige cactussen, waarvan sommige als versteende egels in de vensterbank prijken sommige fallisch op het punt te bloeien. De zorgvuldig aangeharkte tuin met fel oranje afrikaantjes  gelijktijdig saluerend. Dramatisch dichtgeknepen monden veelzeggend stijf en zuinig gesloten.

 

Ik voel me echt anders. Echt menselijker. Zo jong als ik ben. Neem ik me voor ik heb voortaan lak aan strak. Punt uitroepteken.


And although my eyes were open

they might just as well have been closed

A whiter shade of pale - Procoll Harum


*


Zware melkbussen gevuld met water en een gemeen goedje. Aardbeien als dieprode parels in een groene oester. Daarnaast oerhollandse groentes in rijen. Geordend als soldaten op appèl. Rijen ongeduldige worteltjes, wulpse kropsla, felrode tomaten. Springende spruitjes en ploppende erwten diverse soorten kolen. Blad na blad vermengen kleuren en geuren in de moestuin. Als verrassing gulle gladiolen, guldenroede, phloxen gedeeltelijk overschaduwd door goudsbloemen die zich hoog verheffen en flirten met de zon.

Bij elk krieken van de dag een explosie van dagvogels. Fel strijdend om territorium ,wijfjes en voedsel. De gouden leeuwentronie brandt de velden. Licht ze op. 's Avonds volgt haar vette knipoog als afscheid terwijl ze zich koortsig terugtrekt. Naarmate de dagen vorderen strekt ze zich languit.  Loom en majestueus. Haar doorschijnende blik en hete adem vermoeit het bont geurende pallet aan vruchten en bloemen. Ze bezwijken een voor een. Hun verblindende kleurenpracht verdort. Ebt weg,  net als de zomer die verwerkt wordt tot stro.


*


Een grote witte onderbroek met enorme wijde pijpen wappert als de witte vlag van overgave tijdens WO2. Alleen is het nu geen soldaat, maar een vriendelijk ogend mollig boerenvrouwtje. Ze bukt zich ver voorover. Nog dichter bij de uitnodigende aardbeien. En plukt alleen de rijpe donkerrood gespikkelde.


When the garden flowers

Baby are dead  YES

And your mind  your mind is full of red.

Somebody to love -Jefferson Airplane. 

Ze zucht. Het is vandaag erg warm. Een hittegolf. Vanavond zal het zeker op de door haar gewonnen moderne televisie komen. Na het nieuws dat de maanlanding van afgelopen nacht succesvol is geweest. Wat een nacht. Het hele dorp gaf licht en seinde goedkeurend naar de durfals daar in het heelal. Wie had ooit kunnen bedenken dat men in een raket met wat speciale malle pakken ooit daar zou geraken.

Nu is men al op de maan. Ze snijdt zorgvul dig de grote bloemkool van de stronk en kijkt ernaar. Zo had de maan haar altijd van ver geleken. En waarempel! Ze had de beelden gezien en het leek verrassend op wat ze altijd gedacht had.


Fel blond door de onverbiddelijke zon vermaakt haar kleinkind zich op de schommel. Achter haar is nog net de punt van de kerktoren met een stuk van de wijzerplaat zichtbaar.

"Oma oma kijk eens! ". Roept ze met hoog kinderstemmetje vanaf de steeds hoger  reikende schommel. Samen met de wip is die vakkundig aan de rand van de groentetuin geplaatst door haar handige schoonzoon. Hij heeft het erg druk nu op het land naast zijn dagelijkse baan. Tegen het weelderig groene gras steken de margrieten en begonia's zo mooi af. Terwijl ze vriendelijk knikkend naar haar snel groter wordend leeuwtje toeloopt. Ze veegt haar handen af aan de gebloemde grote schort. De bloemkool ligt nu in het gras naast de glazen kom met geurende aardbeitjes. Ze duwt de schommel hoger en kijkt verlangend waar de schattig bruine voetjes van leeuwtje de strakblauwe hemel lijken te raken.


I feel like I am knocking on heavens door  - Bob Dylan


Zo had zij nu ook schommelend haar voeten in de lucht willen werpen. Willen zingen van puur geluk. Haar kindertijd woog zwaar. Haar volhardende tengere moeder moest zien rond te komen van weinig.Haar strenge vader, statig met deftig grijzig zwarte snor, gaf zich gewillig over aan drank. Net als alle ontgoochelde vaders in de wijde omtrek.


Ontberingen tijdens WO 1 vormen vreemd wolkende herinneringen. Als in een cartoon verdwijnen ze. Ze slaat het stripboek van haar jeugd dicht. Het is goed zo. Ze tilt leeuwtje van de licht zwenkende schommel. Het kind pakt de flinke bloemkool op uit het hoge gras waar nu een kuiltje is ontstaan. Samen dalen ze het paadje af onder de oude torenhoge geweldige perenboom door. Het lijkt of de boom diep zucht en hun nakijkt. Terwijl ze eerst leeuwtje de donkergroene brede poort huppelend ziet binnengaan, de koelte tegemoet, overpeinst oma blij. Het leven is nu véél mooier.


Auh!!! Languit kermend abrupt gestruikeld over puntig ruwe straatstenen. In gedachten rende ik nog. Een gapend onherstelbaar gat versiert nu mijn trendy flower power broekpak. Ik ben op bijna wekelijks bezoek bij mijn andere oma en opa. Enkele van mijn tijdelijke vriendjes staan verbaasd, anderen verslagen toe te kijken terwijl ik mijn pijn verbijt en haastig omhoog krabbel.

De prachtig gladde hippe polyesther stof, kwistig bedrukt met pastelbloemen, is over een lengte van wel 10 centimeter rafelig uitgescheurd. Een kloon van het diepe litteken rechts op mijn buik. Het verminkte broekpak wordt een hippe hotpants.

 

Mijn soepele even oude neefje doorklieft het gemeentebad omzoomd door bijna ondoordringbare naaldbomen. Gesepareerd van de rest van de wereld.

 Luid gegil stijgt op uit het langwerpige zwembad waar druk wordt geplonst. Felwit vlashaar. Mahonie speelse krullen. Roomwitte huid naast donkere in het klotsende chloorwater. Ik besef dat mijn wereld breder is dan het zwembad. Oceanen overstijgt.

 

Feed YOUR HEAD. Feed your head - White Rabbit  -Jefferson Airplane


Blad na blad verslindt leeuwtje. Telkens meer dromen. Meer inzichten. Meer kennis. Meer van alles. Tevens komen er meer vragen. Zo talrijk dat er eenvoudig niet genoeg wijze antwoorden zijn. 

*

De vakantie duurt slechts één volle week. Mijn moeder huilt, treurt, lacht en kijkt verbaasd. Alle emoties tegelijk, terwijl ze me prijst. "Wat ben je gegroeid !" Ik weet me even geen raad.


The oceans are rising

islands in time disappear

The canyons burning

forests consumed by the flames

Wildfires rage across the plains to be starved by barren soil

Deserted farms where seeds refuse to grow

I close my eyes to cloudless skies

I dream of what we had before

I  just can’t see the beautiful anymore

I  just can’t see the beautiful anymore

Show me the beautiful

Bring back the beautiful

Show me the beautiful

I want to see the beautiful once more

Blind to the beautiful  -  Fish


*


Het ultrawitte bokje nadert de vers uitgestal de kroppen sla gevaarlijk. De slanke groente vrouw  - de kwaadste niet - zorgt dat de meest frisverse groene krop tevreden smakkend verdwijnt. Met wiebelend sikje sjokt het beest over ongemakkelijke keien pal naast ondeugende witharige broer behoedzaam richting huis. Beiden steken felwit af tegen de strakblauwe lucht.

*

Het lichtgele plastic emmertje met deksel bungelt aan mijn zij. Mijn handje omklemt stevig het metalen handvat. Speels raakt de zijkant de plooien van mijn rood zwart groen geruite jurkje met gesteven wit kraagje. Met de lange rits aan de achterkant helpt oma altijd. Ik loop over de kunstig gelegde maaskeien de heuvel op. Bij de COOP, waar ze zelfs donkerblauwe saaie overalls verkopen. Voor de wintermaanden wollen handschoenen en mutsen. Keukenspullen staan naast pakken Nutricia chocomel. Door de grote etalageruiten reflecteren de enorme pilaren van de kerk. Terwijl ik de smalle bocht neem, de met witte statige huizen omzoom de Wijngaard opga, zie ik de eeuwenoude langzaam verbrokkelende mergelmuren van diezelfde kerk vlakbij.


Hier schreden in een ver verleden respectabe le hooggekapte stiftdames, Abdissen van Thorn met hun indrukwekkende gevolg van hofdames. De muren hadden toen een zacht geelgouden gloed. Pontificale trappen aan weerszijden van de ingang van het gemeente huis met daarvoor de Rabobank nodigen me uit ze te bestijgen en weer te dalen. Ik besluit om er omheen te lopen en zet koers naar de bakker.


Uit een autoraam met Frans kenteken schalt "I heard  it through the grapevine" van Marvin Gaye. Toeristen!

Ik sla rechtsaf. Daarna gelijk rechts en loop door de grote groene poort over de geome trisch met keien geplaveide binnenplaats. Rijen emmertjes en pannen in alle maten en kleuren saluerend als oranje witte soldaten. Of met flamboyante bloemen rand of glimmend aluminium. Opvallend wapperen de afgescheurde briefjes als kleine vlaggetjes.


De volgende middag zijn ze gebakken en kun je ze komen halen beantwoordt de bakker mijn vragende blik. Hij bereidt moeite loos gestolde donkerrode kersen omhuld met knapperige korst met de aangeleverde vlaai vullingen. Het bewijs staat er. Naast het door mij ingeleverde nu lege emmertje. Het deksel half ernaast en rood gestolde uitgelopen druppels staat het geurende baksel uitnodigend te dampen. Op het metalen rooster boven een vierkant dwingend patroon van afwisselend grote en kleine keitjes.

Terwijl de gulden zomerochtend zich traag ontvouwt. De witte muren laat fonkelen maken wespen zich klaar voor onophoude lijke duikvluchten.


Someone told me long ago

there's a calm  before the storm

I know it's been coming for some time

Have you ever seen the rain - Creedence Clearwater Revival


Vlaggetjes wijzen feestelijk naar de met ranja gevulde glazen en rietjes waarmee we wedstrijdjes "Wie de meeste bubbels opborrelt" doen. De lange tafel bedekt met plastic zeil in oerhollandse print. Aan weerszijden stoelen onder kleurrijke inmiddels plakkende confetti. Kruimelige taartbodems met daarop botergeel gestolde pudding en mikado hagelslag. Elk kind is inmiddels misselijk. Volgestopt met zoet en snoep. Op naar de volgende verjaardag.


Over de gehele breedte van het huis wordt onze slaapkamer met gehorige houten vloer gevuld met rumoerige feestgangers.

De donkerblauwe voordeur met een raster van witte verticale raampjes waarvan de middelste rechthoek opengaat met een knip verwelkomt ze.

Ze stromen toe door het piepende poortje. Over de gewassen grinttegels met ventilatierooster dat wijst naar de diepe donkere kelder. Door de witte spijlen met de zwart glanzende leuning zie ik enkelen de kaarsrechte trap bestijgen. Dakramen ademen aan weerszijden blauwe lucht.  Mijn zus is geslaagd.


Niet snel ben ik er echt ondersteboven van. Het is een jaarlijks terugkerend griepje. Koninginnedag Oranje boven. Ik ben dan vrij en de rest van Nederland met mij. Het huis is bijna klaar. De regelmatige tegels in de badkamer zonder ook maar één natuurlijke lichtstraal vertonen een  grauwe waas. Ik poets ze die dag glanzend met kaarsrechte voegen. Hun belijning zorgt voor een chique uitstraling.

Tevreden ga ik eindelijk de zon in. Leden van het Oranje comité ruimen net alle oranje restanten op.


DEEL 3. AARDE

De wereld is anders. Ik doorzag de dood. Wimpelde hem weg.

Jaren durf ik niet te voelen waar de chirurg de enorme incisie heeft gemaakt. Een vacuum met aan weerszijdent ontsierend piekend zwart hechtdraad. Voor mijn gevoel is de helft van binnen weggesneden.

Like a true nature's child

We were born. Born to be wild

We can climb so high . I never wanna die!           

Born to be wild  - Steppenwolf


De sofa biedt geen soelaas. Pijnscheuten volgen elkaar steeds heviger op. Alle geluid trilt na en vuurt kogels af in mijn lichaam. Ik ben 5 jaar oud. De taxi stopt. Mijn moeder met mij aan haar zijde dringt het ziekenhuis binnen. Pas veel later volgt de intake.

Call Alice when she was just small - Jefferson Airplane White Rabbit

Aan de balie hangt een kleuter slap als een pop. Daarna lig ik urenlang rillend op een brancard. Na lang wachten vraagt mijn moeder zenuwachtig om een deken. Ik zie haar vermoeide blik. Altijd in tweestrijd. Ze is meer verloren dan ik realiseer ik me terwijl ik in elkaar krimp want grote doktershanden penetreren me. Ik voel de kracht onherstelbaar binnendringen. Helse pijn vormt een vlammend vuur. Ik blijf nog even. Alles wordt zwart.

And you have had just one kind of mushroom -Jefferson Airplane

Hangend aan die ene reddingsboei: de hoge balie ,verkrampt mijn lichaam. Alles gaat stuk van binnen. Bijna dood levenloos ben ik dat popperige blonde meisje. Bijna weggevaagd. Maar ik vecht. Ik ben er nog. Grote transparante zakken zonder goudvissen. Trage krokodillendruppels likkend door de semi doorzichtige slang bijten stelselmatig armen en benen. Lange sluipende dagen volgen elkaar op. Waanzin als ik me afvraag  ot de gulden snede van Vitruvius zomaar in en op mijn buik zit. Die behelst heel iets anders. De uitdrukking is echter vele malen mooier dan het woord litteken en verzacht de eindeloze dagen en nachten en de leegte die ik voel als een gapend gat, rechtsonder in.mijn buik 

Why do you build me up build me up Buttercup baby

Just to let me down let me down and mess me around

And then worst of all worst of all you never call  baby

When you say you will say you will but I love you still

I need you I need you more than anyone, darlin'

You know that I have from the start

So build me up build me up Buttercup

don't break my heart

"I'll be over at ten", you told me time and again

But you're late, I wait around and then

I run to the door, I can't take any more

It's not you, you let me down again

The Foundations - Build Me Up Buttercup

Op de binnenkant van mijn armen en benen een oerwoud aan afdrukken. Stille getuigen van injecties. Het is het gevecht dat ik lever. 5 jaar en nog wat maanden oud alleen zonder broertje of zusje. Alleen zonder vader en moeder. Het put me uit. Ik smacht ernaar naar huis te gaan. Het kan niet. Het mag voorlopig niet volgens de hardnekkig nee knikkende mannen en vrouwen in witte jassen met zacht kloppende klompen. De megagrote paashaas met roomwitte strik kijkt verbaasd.


De rest van de eindeloze stoet paasmanden gevuld met bonte eitjes en transparante surprise eieren met enorme strikken verdwijnen geheimzinnig. Net als alle bezoek weggefilterd wordt klokslag 19.00 uur wanneer iedereen zich gereed maakt voor de avond en nacht. 


WATERVAL

Ik ben eindelijk thuis. Mijn vader straalt en ik nestel me gelukzalig in zijn sterke armen. 

Zijn krachtige kaaklijn en donkere ogen drukken betovering uit. Als een trofee draait hij me gelukzalig in het rond. Van binnen voel ik een tomeloze nog ingehouden energie stromen. 


I want to know have you ever seen the rain

I want to know have you ever seen the rain

coming down on a sunny day

Have you ever seen the rain - Creedence Clearwater Revival

*

Bij Jeanne chique dameskleding, maar ook badkleding in alle maten. Bikiniweer besluit ik trots als een pauw.

Rechts mijn litteken verscholen onder een witte basis met daarop speels appelgroen en lichtbruin. Een waanzinnig nieuwe bikini.

Buiten schijnt de zon volop. Overwegend naakt gave huid schrijdt de keuken binnen. Opa wordt een bewegend acteur. Donker tegen het felle licht zwaait hij met zijn wandelstok boosaardig in de lucht. Ik vlucht hals over kop naar buiten naar het heldere licht. 

*

When she is ten feet tall.      White Rabbit -Jefferson Airplane

 

Symmetrisch omwikkelde poten met bont. Net laarsjes. Eerst smal been met bovenop donkerrode breder wordende spiermassa. De rest van het afgestroopte vreselijk akelig geurende grauwe lijfje. Het verlamde kopje met grote bruine heldere ogen kijkt me indringend aan.

*

Het krioelt van de wespen. Het glibberend gistend peerrestant is met enorme kracht op de hard geregende grond gesmakt en uit elkaar gespat.

Er klinkt luid gezoem. Bijen dansen dicht bijeen. De machtige perenboom zucht onder de loden last. Zijn decennia lange brede armen houden het nog maar even vol. Weldra vallen gerimpeld gezwollen tenen met grote donkere holtes, nu nog krachtig diep in de aarde reikend, ten prooi aan de gretige tanden van de zaag.

*

Telkens raakt de wip synchroon de twee halve rubber manen. Tik omhoog. Tik omlaag. Een schommel vlakbij een nog flinterdun perzikboompje. Ons privé speeltuintje. Daarachter veel open blij gras. Daarnaast het houten kippenhok met schuin asbest dak. Daarvoor, ernaast, erachter hoogstam fruitbomen. Allen even hoog, even breed in spreidstand reikend naar elkaar. Een drieling van appelbomen. Daarnaast een zesling van een ander ras. Daarachter acht diep donkere vlezige pruimenbomen. Het gras is daar anders. Taai, donker fluisterend.

*

Wild, wild horses we'll ride them some day

Wild horses couldn't drag me away

Wild, wild horses we'll ride them some day

Wild horses -  Janis Joplin

De fles Bols jonge graanjenever, voor drie kwart leeg, nadert de dikke opbollende bodem, de ziel. De glaasjes worden opnieuw gevuld. Mijn opa met paarsrood aangelopen  gezicht. Kille helblauw doorlopen ogen met witte stugge wimpers. Geen kalmerende aanblik.

En nog iemand, waarvan ik de naam in ere wil houden. Samen zo dronken als een tor in de voorkamer. Zo klein als ik ben toch weet ik exact waar het over gaat. Ik sluit de schuifdeuren zachtjes. Sommige dingen wil je eenvoudigweg niet horen. 

*

Terwijl ik voorop haar fiets zit en later aan haar hand meewandel en opgroei wordt mijn toevluchtsoord langzaam maar zeker een schiereiland. Een enclave van rust aange vreten door een gapende mond van klotsend likkend zwart zoet zout water. Af en toe bijft vreemd geurend schuim achter. Mijn korte beentjes stappen gestaag door het lang gerekte laantje met weelderig blad. Aan het eind waar de lichter wordende laan zich splitst gaan de twee, de markante broer De Groote Hegge en zijn tengere zusje De Kleine Hegge ook onverbiddelijk uit elkaar. Daar verrijst de dijk als barrière tussen een ver verleden en een vragend heden. Linksaf volg ik het baken. Daar ligt ongepast een kadaverhuisje in de bakkende zon.

*

En als de zon schijnt buiten gaan we lopen door de duinen en de dingen in de kamer zouden levenloze dingen zijn zonder jou

De avond  - Boudewijn de Groot


Steeds moet ik wel kijken. Wat doet het daar? Waarom ligt het als relikwie vlakbij de dijk. Wat is überhaupt het nut. Ik wend mijn hoofd abrupt af. Terwijl ik keihard een aanloop neem en zonder veel moeite op de steile helling beland, vanwaar ik de eerste bollende zeilen spot. In de verte het tergend langzaam opschuivende spookschip met wel duizend treden. Die het grint rinkelend wakker schudt en als friswit gepolijste tanden laat opblinken.

Het geheel tovert geen glimlach op mijn eigenwijs bruin verbrande snoet. Ik kijk. Proef het zout. Mijn hand zoekt snel de veiligheid van die van mijn moeder. Samen lopen we ongelijk van lengte, maar in gelijke pas verder. Ze vertelt verhalen over hoe het vroeger was. Waar haar land in de verte richting België lag. Ik luister ademloos. Kijk haar aan en zie een traan. 

*

When logic and proportion have fallen sloppy dead - Jefferson Airplane


Lichtpijlen verlichten de gitzwarte hemel. Pas veel later echood de oorverdovende knal. Haar lichaam schokt alsof het geraakt is. Ogen puilen uit hun kassen. Angst ruik je. Ze duikt weg. Iedereen is die nacht gewekt uit voorzorg. Het felle licht van de lamp in de kamer is bijna net zo fel als de lichtflits van zoëven. Ze duikt onder de tafel. Ik weet het zeker. Die bange verstikkende angst raakt ze nooit meer kwijt.

Zwarte en roodbonte koeien staan dicht bij elkaar gepakt. Staarten zwiepen onrustig  heen en weer onder de laaghangende zwarte wolkenmassa. Het is plotseling nacht. De uiers wijzen zwaar richting het gras. De hemel splijt open wanneer de knal haar letterlijk verdooft. Likkend raast de dreigende vuurbal over het  schrikdraad als een draak die steeds verder spuwt. 


Heilige Maria moeder van God. Wees nu een engel……

*

Ik fiets aan haar zij. De bakker en slager net over de grens in België lonken. Kessenich lijkt altijd te slapen. Het is er vredig. Haast plechtig stil. Dat kan ik op mijn leeftijd al waarderen. "Kijk" zegt ze als we de eerste huizen naderen. "Daar had jij nu gewoond wanneer ik met hem was getrouwd", wijzend naar het kleinste onooglijke boerderijtje dat ik ooit waarnam. Ik lach hoog en luid. Opgelucht zelfs. Even bedenk ik dat haar theorie klopt. Waanzin natuurlijk. Die rare hersenkronkel.

De keer daarna vraag ik :"Hield je dan van die man? " Ze ontwijkt het antwoord . Met dromerige blik staart ze stilzwijgend in de verte.


Met de kleuren die vervagen

zonder zoeken zonder vragen

Verdronken Vlinder - Boudewijn de Groot


8 x 2=16 dan is zij 39. Hoe vaak gaat 16 in 39. Hoe lang leven om zo oud te worden. Ik ben nu acht jaar. Wonderlijk. Jawel ik verwonder me over de dood. Waarom jeugdig als je toch eindigt. Dus ik maak de meest malle ongunstige berekeningen in mijn hoofd en 's nachts bonst dat hoofd ongeremd. Een voetbal die steeds de goal in knalt.


Feed YOUR HEAD. Feed your head - White Rabbit  -Jefferson Airplane


Hij nadert me. Stapt van zijn fiets. Ik kom van de andere zijde en plof tegelijkertijd van mijn fiets. Hij gaat naar de MEAO ergens aan de andere kant. Ik naar de HAVO. Dat weet hij. Hij komt er immers altijd langs gefietst. Zo vaak zie ik hem met uitgaan en daarna thuis in de vroege stille ochtend. Levensecht met mijn ogen dichtgeklapt alsof een geheim geschenk daarachter verborgen zit. We maken een praatje terwijl hij me meer dan anders oplettend aankijkt. Hij springt licht neuriënd op zijn fiets. Hij is speciaal. Hij weet niet hoe speciaal.

*

Onze voeten bungelen slungelachtig van het bruggetje boven de ondiepe spiegelende beek. Rooksignalen kringelen richting de blauwe hemel. Wanneer ik mijn ogen dichtknijp lijkt het alsof ze worden opgeslokt. Na enkele teugen hou ik het inhaleren van de stinkstaven voor gezien. In mijn oor kabbelt kringelend water.

Zomaar drijven na het vliegen in de wolken drijf je hier

Verdronken Vlinder - Boudewijn de Groot

*

Aftands door jarenlang intensief gebruik door de bonkige mannen van de grintmaatschappij glij ik die avond met de verveloze boot als een dolfijn door het water.

*

Wanneer ik bij de schoenmaker links afsla, het steegje in met aan weerszijden witte huizen richting Wijngaard wacht daar de kolossale schaduw van de slager me op. Ik kijk omhoog. Een ruimvallende witte werkjas. Vegen bloed lichten op ter hoogte van zijn buik. Als een chirurg die gaat ontleden presenteert hij plotseling een enorm mes waarmee hij bezwerend langs mijn hoofd zwaait. Ik huiver en krimp in elkaar. Een tijd lang mijd ik de route. Het heeft iets bloederigs.

*

Call Alice  when she was just small - Jefferson Airplane

Nooit mocht ik die imposante man in zijn witte jas met geronnen Rohrschach bloedvlekken. Totdat die prille jeugdherinnering komt bovendrijven.


Here we go again asking where I've been

You can't see these tears are real

I'm crying (Yes I'm crying)

We can't go on together

With suspicious minds (suspicious minds)

And we can't build our dreams

On suspicious minds

Oh let our love survive

Or dry the tears from your eyes

Let's don't let a good thing die

Suspicious minds - Elvis

*

Kruimel- en rastervlaaien staan te dampen op ronde draadroosters op de verkoelende stenen vloer. Twee aan twee. Leeuwtje snuift de intens zoete geur op. De deur van de zojuist nog loeiende oven staat nu open. Warme opstijgende lucht trilt als een bedwelmende fata morgana. Op de tafel liggen restanten van bloem. Een kom met kruimels en de laatste druppels kersenvulling. Mmm. Elegant schraapt ze de stroperige kers met haar kleine wijsvinger. Vervolgens de boterkruimels. Veel lekkerder dan vlaai. Ze ze schrikt op door het melodieuze gefluit van haar vader. Leeuwtje draait zich abrupt om. Verliest haar evenwicht. Terwijl haar billen onbedoeld de dampende kersenvulling raken en een seconde later de hete vlaaibodem. Voelt, bovenal ruikt ze, de brandlucht van huid, alsof iemand levend wordt gekookt in een pot. Veel zilte tranen vloeien. Tranen die blijven stromen als de stroom van de Itterbeek. Zoveel.

*

Hij is no nonsens. Een donker ogende man. Zo weggeplukt uit een spannende film.  Zo no nonsens dat hij geen haast maakt met zijn rijbewijs. Iedereen rijdt inmiddels auto. Hij bestuurt alleen voor en na zijn werk de luidruchtig trillende tractor. De tractor ademt vooral vrijheid voor hem. Hij houdt nou eenmaal van de natuur, de verse geur van  grond en gras. De kalm wuivende velden vurig bedekt met goudgele halmen vormen een soort meditatie. Het vogelachtig ruisen van hoge bomen in de wind, de aardpeergeur van gerooide aardappels, van mest. Dat alles geeft hem een gevoel van tevredenheid en geluk.

*

Het is ijskoud. Leeggeblazen straten vol eenzame stuifsneeuw. De hele maand is het  weer extreem guur.

Here comes the sun, here comes the sun,

And I say it's all right

Little darling, it's been a long cold lonely winter

Little darling, it feels like years since it's been here

Here comes the sun, here comes the sun

And I say it's all right

Little darling, the smiles returning to the faces

Little darling, it seems like years since it's been here

Here comes the sun, here comes the sun

And I say it's all right

Here comes the sun - George Harrison


Pottenkijkers worden angstvallig buiten gehouden door dicht geweven, grof gebloemde gordijnen. De kamer is spaarzaam verlicht. Sinterklaas met pakjesavond nadert. Mijn moeder prikt lang daarvoor de zeepbel door. Ze pakt ijverig cadeau's in met bont gedecoreerde rollen Sint en Piet pakpapier. Weliswaar met twee linkerhanden. Ik spring bij.

Maria the most beautiful sound I ever heard

Maria, Maria, Maria, Maria.                    Maria - Jimmy Bryant

Sindsdien weet ik al ruim van tevoren wat Piet van de verlanglijstjes daadwerkelijk uit zijn zak tovert. Blij verrast verwelkom ik de typemachine om mijn broer en zus vooral niet al te ruw de heilige Sint mythe te ontnemen.

Het jaar daarop sta ik mijn eigen scheikundedoos in te pakken. Bomvol explosieve stofjes en Petri schaaltjes. Vaak iets in het kader van leren. Een ingenieuze legpuzzel waarbij je telkens ingewikkelde kennisvragen dient te beantwoorden. Bij goede antwoorden wordt je verrast met een werkelijk intrigerend geometrisch patroon. Absoluut een super aanwinst en daarmee gaat een super prijskaartje gepaard. Kennis vergaren staat hoog aangeschreven bij mijn vader. Minder bij mijn nerveuze moeder die volgt hem blindelings. Nou ja.

*

Altijd heeft hij wel een anwoord op mijn stortvloed aan vragen. Ik hang aan zijn lippen en hou nog meer van hem. Beheerst zet hij zijn visie uiteen over aanstormende toekomstige ontwikkelingen. Windmolens en zonnepanelen. Over melkrobots, over water -en luchtkwaliteit waarmee kostbaar om dient te worden gesprongen. Net als zijn zussen had hij willen studeren. Uiteindelijk weet ik, heeft hij toch LTS gedaan. De boekjes liggen als stille getuigen ergens in de kast. Zou het daarom zijn die hang naar kennis .

Ik zie het licht door de gordijnen en ik weet het verleden geeft geen zekerheid

De avond - Boudewijn de  Groot

De enige mannelijke nakomeling. Omringd door ravenzwarte hem adorerende zussen en hij hun. Zijn lot ligt vast vanaf het moment dat hij ter wereld komt. Hij vergeet voor het gemak even dat hij met amper veertien jaar op blote voeten voor het eerst werkt in de bouw.

Hij voelt het! De enorme teleurstelling in gesprekken met leeftijdsgenoten.  Underdog is echter niets voor hem. Hij laat zich nooit door anderen sturen of beïnvloeden. Hij vaart graag zijn eigen koers. Een trots zeilschip dat zachtjes op de golven kabbelt op weg naar de veilige haven. Dan voelt hij zich prettig.

Ain't that loving you baby - Elvis Presley

*

Vaak vertellen we elkaar spannende verhalen. Mijn zus slaapt naast me en leest net als ik graag en veel. Samen vormen we een Siamese tweeling. Zij is extraverter. Ik terughoudender. Toch neem ik het vaak, wanneer zij het juist niet verwacht, voor haar op. Dat schept een hechte band.

Don't throw our love away - Baby love - Diana Ross and the Supremes

*

Ellenlange rijen groene babyplantjes tot in de hemel. Opbrengst voor de toekomst. De dag begint. Een schoffelend meisje. De zon gaat bijna onder. Een schoffelend bruin verbrand meisje. Een lange dag.

*

Zijn rijbewijs haalt hij pas later. We zitten met zijn drietjes schots en scheef verwachtingsvol achterin. Autogordels hinderen onze bewegingen nog niet. Net zoals ontbrekende hoofdsteunen die het zicht en de ruimte alleen maar later beperken. 


Die Gitarre und das Mehr verwaait door de geopende ruitjes. Met verjaardagen rijden alle neefjes en nichtjes gewoon even mee. Er kunnen er met gemak zo 10 in. Even inschikken. Oom agent vindt het maar niets en schrijft een flinke boete uit.


Top hoor het Schlagerfestival op de Duitse zender. Mijn zus en ik staren onophoudelijk naar het beeldscherm. Onze ogen star gericht op Rex Gildo. Druk hem en iedereen er omheen becommentariërend. Ik hoor Udo Jürgens en mijn vader tegelijk. De laatste achter onze voorover gebogen ruggetjes vol spanning binnenkomen.
Na enkele minuten merkt hij op dat onze kritiek erg ongepast is. In zijn optiek not done. Even zijn we heel erg stil en klein. Hij verdwijnt weer en we kakelen weer verder. En toch toch is er iets van terughoudendheid en lichte gêne nu. Immer wieder Sonntags klinkt nu.


Kijk dan Leeuw roept bij triomfantelijk. Ongeduldig popelend wenkt hij mij. Kijk dan voor jou. Ik kijk maar deel zijn enthousiasme geenszins. Of het zou om de kleur moeten zijn. Voor me staat een brommer in het meest bespottelijke groen grasgroen kikkergroen groene groentegroen. Ik heb er welgeteld een keer op gereden. En ja ik ben.....13. Dat is dan wel weer cool.


4 witte King Cornbroden staan naast elkaar en verticaal opeen gestapelde
voedzame boterhammen besmeerd met crèmige pindakaas. Vijftien kinderen waaronder Karin die bij mij in de klas zit vullen het grote herenhuis met statig ronddraaiende Parijse wenteltrap die automatisch naar alle hoger gelegen vertrekken voert. Erachter klinkt muziek.
Terug beneden spelen we. Een levensgroot zwart krijtbord. Haar vader geeft les aan huis aan groepen leerlingen.  Vandaar de lessenaar met bankjes en werktafels. Kinderen in overvloed. Wij vermaken ons opperbest.



DEEL 4.       ANJERS




If you gave me a fresh carnation

I would only crush its tender petals

With me you'll have no escape

And at the same time there'll be nowhere to settle

I trample down all life in my wake&

I eat it up and take the cake

I just avert my eyes to the pain

Of someone's loss helping my gain


Carnation - The Jam


De treinmachinist fluit. Langzaam meerdert de trein vaart. Mijn moeder, haar zus en Josefien mijn zus en ik gaan op weg vanuit Roermond naar Sittard om daar te winkelen. Op dat moment vind ik de hele entourage rondom treinen nog speciaal. Surtout magnifique. Maar in mijn latere leven verdoe ik een hoop kostbare tijd van en naar mijn werk in diezelfde gewraakte trein.


Een andere keer bevinden mijn heerlijke geurende hoogblonde smaakvol geklede tante en ik ons in petit Weert. In een smal vol donker maar stijlvol boetiekje koopt ze een prachtige diep donkerblauwe jas voor me. Het weekend daarna gaat de hete krultang streng voor streng door mijn lange manen. Plotseling staat daar een Barbie met prachtige krullen.


Samen in het grote ongerepte bed in de heerlijk koele slaapkamer die geurt als een boudoir. Mijn rijzige oom ligt in het ziekenhuis. Opgenomen voor de zoveelste keer. Getergd door hernia. Ik slaap dan naast mijn tante. Het stelt haar in de hectiek gerust. Zij en ik slapen als Doornroosje.


*


Een prachtig jurkje met vanaf de schouders opengewerkte geborduurde kant en een fijn groenroze borduursel aan weerszijden op de korte mouwtjes. Witte glad fijn glanzende handschoentjes. Sneeuwwitte kokette lakschoentjes en dito tas met Chanelachtige verticale ruitprint en natuurlijk bijpassend portemonneetje waarover later meer. Eerst maar de Heilige Communie.


De bedwelmend rijke geur dringt mijn neus binnen. De complexe geur van anjers met ontelbare opeengestapelde fijne blaadjes maakt diepe indruk. Nooit eerder ben ik zo verleid. Mijn besluit staat vast. De man die mij later wil trouwen al denk ik daar verder volstrekt nooit over na zal me verleiden met witte of witroze anjers. Mijn kanjer.



Darkness of the night has gone

a blackbird sings a song at dawn

crystal drops of morning dew

are covering all the grass

the landscape wears its morningdress


Storm and thunder - Earth & Fire


*


Zijn glimmend gehoorapparaat ligt pontificaal voor hem op tafel. Een voorloper van de mp3. Een bomexplosie tijdens WO 2 beschadigde zijn gehoor. Hij kan echt liplezen. De bovenste knopen van zijn overhemd staan wijdopen. Voor hem bevinden zich een kom met warm water, een krabbertje, een scheerstaaf. Hij draait zijn hoofd geduldig en laat me begaan. Eerst de vochtig warme doek. Daarna wolken schuim. Vervolgens regelmatig ritmische banen trekken over jukbeen, wang, kaak. Zijn tong duwt geduldig de huid omhoog zodat ik zonder veel moeite de witgrijze stugge baardharen verwijder. Hij geniet zichtbaar en vertrouwt me volkomen. Soms gaat zijn hoofd ritmisch mee. Ik verwijder het schuim. Dep wangen droog. Daarna een splash kruidige Tabac. Waar hij zich enorm op verheugt en van opkikkert. Ik punt nog even robuuste wenkbrauwen bij. Het gehoorapparaat kan weer in. Hij knoopt zijn overhemd dicht. Fris als een baby.


The rainbow hides no treasure

Oh believe me it's not true

And there ain't no mixture

That will give you back your youth

No mystic machine that makes the sand turn to gold

Like there ain't no magic word

That holds you back from getting old


Just A Little Bit Of Peace In My Heart - Golden Earring


Ze geurt als de hoer van Babylon. Overweldigt met haar parfum. Een echte parfumbom. Een mooie grappige vrouw. Heerlijk maf en behulpzaam. Ze roert de pompoensoep. Zojuist klotste alles nog. Nu is het een tot rust gekomen maalstroom. Haar oranje pupillen verwijden. Knalrode kousen eindigen net onder haar knie.

Gestoken in witte pittig rondklepperende gezondheidssandalen poetst ze niet één kamer. Nee een hele flat. Ze is een beest, een Mrs. Proper in het kwadraat. Ze jifft ajaxt en swiffert. Haar vitrage Nibro wit.

Haar ramen blinken. Als ik van buiten naar binnen kijk zie ik mezelf steeds weerkaatst. Pas als ze opgewonden naar buiten stormt zie ik haar duidelijk nu en verbreedt mijn lach. De vloer veegt ze nu ook met me aan als regelrechte kopie van oma geeft ze gas en remt zij. Want zij zit achter het stuur. Airbags bestaan nog niet. Met haar is gewoon ongewoon. Zingend buiten in sexy lingerie strijkt ze hemden stijf en strak. De zon knipoogt en belicht haar als een filmster. Fasten your seatbelts


*


Om vijf uur staat hij vaak al naast zijn bed. Het werken zit hem in zijn bloed. Nooit moppert hij. Integendeel hij fluit. Zijn gefluit herken ik altijd en overal. Het is melodieus en bereikt meerdere toonhoogtes. Het is tevredenheid. Als hij in de buurt is weet ik dat want ik hoor hem. Om 9 uur vaak is hij zo moe dat hij vanzelf in slaap valt. De Duitse zender is favoriet. Das ZDF. Het Deutsche Fernsehen een begrip voor ons met Karl May met Witte Veder en die Leute von der Chiloh Ranch een van vele gesynchroniseerde en uiterst populaire westerns.  In de hoofdrol de aantrekkelijke piepjonge Michael Landon. Later kijk ik Chimansky, Tatort.


Kijk zegt hij zijn enthousiasme nauwelijks verbergend: "Eerst de cement in balans mooi vochtig niet te droog op de troffel." Hij weet waarover hij praat. Daarna op de steen verdelen. Aandrukken met de volgende en eventueel gemorst cement verwijderen. De kunst is exact de goede hoeveelheid te nemen. Vooral precisie. Dat telt.


Hij is praktisch ingesteld kan wonderwel tekenen, stenen leggen. Zoveel eigenlijk. Voor anderen maakt hij bijna alles wat mogelijk is. Een designschouw of verfrissende badkamer. Een aanbouw. Een rustieke authentiek ogende poort zelfs een compleet huis. Want het restaureren zit hem in het bloed. Hij houdt enorm van hard werken en dingen creëren. Al van kinds af aan.


*


Boekenwurm. Boekenverslindster. Boeken vormen mijn blik op de wereld.

Ik doorzie de dóór en dóór slechte moordenaar. Even later lig ik in de armen van een knappe autocoureur. Ik voel de stekende pijn in mijn hartstreek wanneer de vrouw haar innig geliefde man kwijtraakt. 


Ik beleef de stille getuigen van mishandeling. Als op een foto zie ik de beelden van blauwe grote fluorescerende plekken.

Dwaal over eindeloze savannes met alleen de echo van geluiden van wilde dieren. Moeiteloos atletisch besluipende leeuwinnen in de zinderende nacht met de knipoog van een maansikkel.



Tante Atilla, zo noem ik haar liefkozend, zit in de felverlichte keuken. Ze knippert onwennig en vaak met in de haast dicht geknepen ogen. Haar baritonstem laat het hele meubilair in de kamer trillen. De onmetelijke lopende band aan sigaretten heeft niet onverdienstelijk zijn werk gedaan. Ook aan de buitenkant niet. Haar getaande gezicht benadert behoorlijk de kleur van haar longen. Ze kucht. Een mannenrochel. Als zus van mijn oma is ze vele jaren jonger en slanker dan haar. Bovendien altijd goedgekapt. Goedgekozen haar beslist opleukende fijngesneden pantalons met strakke vouw en dito jasjes. Mooie knopen ook. Smetteloze maagdelijke non iron blousjes maken het ensemble af. Zonder alle toeters en bellen. Ontdaan van make up en dat onwijs strak geföhnde kapsel weet ik het zeker. Het is een man. Weliswaar een gesoigneerde man. Ze is zeer kritisch. Met het hart op de tong. Eigenlijk zoals oma. Die laat ook geen moment voorbijgaan om haar directheid te tonen.

Onvervaard en vooral ongevraagd geeft Til nu interieuradviezen. "Want "verordonneert ze "wanneer ze de volgende keer komt is die godsonmogelijke verblindende tl lamp passé!". "Hier hoort een warm knipogende barokke lamp met koperen ketting!" ' Een waar je als tarzan aan kunt gaan hangen en pontificaal glijdend mee wegzweeft het oerwoud door. Zodadelijk is de storm voorbij en keert de rust weer. Totdat ze weer als een wervelwind opduikt. Superwoman met sigaret glimlach ik. Een flauwe glimlach. Want ik weet zeker. Ik ben 12 maar nu al vele malen subtieler.


I close my eyes, only for a moment, and the moment's gone

All my dreams pass before my eyes, a curiosity

Dust in the wind

All they are is dust in the wind

Same old song, just a drop of water in an endless sea

All we do crumbles to the ground though we refuse to see

Dust in the wind

All we are is dust in the wind


Dust In The Wind - Kansas


Hij staat bij de ingang onder de ladder. Zijn niet oerhollandse normaal vriendelijker kijkend gezicht belooft weinig goeds als hij op mij neerkijkt. Ik krimp in elkaar onder zijn nu echt indringende donkere blik. Zijn stem klinkt veel zwaarder. Ik kijk schuldbewust voel enorm veel spijt nu het pas tot me doordringt en ik antwoord schoorvoetend. Ik open mijn handje en toon het besmette kwartje.


Queen draait op de achtergrond. Ze opent de deur naar de winkel en komt terug met een reep chocola. We zitten aan tafel bij het buurmeisje aan de overzijde. Vooral een vriendin van mijn zus. Het regent pijpenstelen buiten. Erger kan het bijna niet. We hebben herfstvakantie dan verwacht je op zijn minst zon. Mens erger je niet spelen is dan erg toepasselijk denk ik. Maar ook Monopoly, Stratego en geregeld Mikado. Ondertussen draait Charlotte Queen's Bohemian Rhapsody grijs.Ik heb sindsdien gedurende lange tijd een hekel gekregen aan de excentrieke performer leadzanger Freddy Mercury met zijn vocale uithalen. Nu ebt die weerstand pas geleidelijk weg. Queen staat elk jaar op een. Niet voor mij.


De bouw begint. Naast ons woonhuis draaiende cementmolens. Jonge luidruchtige bouwvakkers. Constant schetterende muziek. Gehak van stenen. Ik ga naar school. Tot ver na 4 uur zegt mijn lesrooster. Dan zijn ze weg. Om de volgende dag letterlijk open te breken met troffels, kuipen vol cement en massa's kletterende stenen.


Zuidelijk temperament bij vlotte Ingrid. Naast haar lange slanke Marion met zongebruinde Marleen. Haar hartsvriendin. Haren als Claudia Schiffer. Mijn kortgekapte zus. Kleiner dan mij. Lekker ontspannen kletsend en ik. Lang haar met een donkerbruiner makende kleurspoeling van mijn moeder. Die mij bijzonder opleukt. Dat merk ik. Nu ben ik meer de dochter van mijn donkere vader. Disco Inferno klinkt door de speakers en iedereen gaat los. De avond uitdansend met Chic en soul beland ik bekaf in bed. Morgen weer.


Witte handschoentjes openen het damesachtige laktasje. Sneeuwwit Chanel. Ik toon vol trots mijn bijbehorend portemonneetje. Prachtig nagemaakt. Binnenin de zwarte voering liggen kostbare guldens en 2 grote glimmend ronde rijksdaalders.

Ik leun op de rand van het bruggetje. Eronder stroomt de Itterbeek met hier en daar een  kolkende draaibeweging. Verder groenalg, keien, grint en zo nu en dan een vis die eerst licht draait en vervolgens rechtdoor zwemt met de stroom mee.


De ramp voltrekt zich. Ik hap naar lucht.  Verwijde pupillen van schrik. Het witte portemonneetje verdwijnt razendsnel onder de brug.  Uit het zicht. We snellen naar de andere zijde. Daar in rap tempo zo nu en dan 180 graden draaiend. Soms een wit stipje dan weer voluit zichtbaar. Eerst rechtdoor stroomafwaarts. Verderop weldra de bocht nemend om ergens voor altijd onder modder alg en blad begraven te worden. 


Het gevoel van verlies van iets wat nog zo kort zo dierbaar is schrijnt. Uit een ver warmbloedig land waar altijd de zon schijnt naar het druilerige grijs zwarte donkere Nederland.

Dat schrijnende gevoel van ontheemdheid heeft het prachtige sunkissed kind met haar moeder en tenger gebogen grootmoeder doorvoeld. 

Na hun verbijsterende dwaaltocht ontmoeten ze warmte van eenvoudige blije mensen in witte huizen. Huizen die op hete zomerdagen de zon moeiteloos evenaren.  Een attente man trouwt met de moeder er volgt nóg een dochter. Het leven lijkt nooit anders geweest daar aan de Itterbeek bij de brug waar Wanda met haar zusje opgroeit. Waar even verderop Bertha gladiolen afsnijdt en haar man een enorme krop gifgroene sla tevoorschijn tovert uit de gigantische omhaagde moestuin. Daarachter slaapt Sterrenbosch.


WANDA

the wanderer


Het allereerste diepdonker ebbenhouten meisje met prachtig omkranste diep rakende ogen

Andere wereld, een andere tijd, zó eender

Ik liet mijn haren krullen, jij ze ontkrullen

Je stem vol melodie

De zon danste toen al in je hart


Buiten onder de om de 2 minuten haperende neon verlichting gonst het van de drukte. Midden in de nacht draaien de zware motoren. Kirrende tienermeisjes struikelend op ongemakkelijke hakken. Dronken opgeschoten langharigen vol adrenaline en dat andere waarmee ze de strijd aanbinden om de stoerste te zijn. De seventies muziek op de 1e etage is voor elk wat wils. Snoeiharde hardrock dan weer disco met KC & the Sunshineband. Net als de bonte mengeling van boerenruitjes en brutaal in jeans en leren jacks gestoken buitenlui. Komend van ver. Zelfs over de grens.


De zijtrap die een scherpe bocht in het midden maakt verbindt het beneden gelegen café met brede tap met de zo gewilde bovenetage waar je je in houten coupé achtige optrekjes met een dak zelfs kunt afzonderen. Tonnen met een dikke plak ruw hout erop groot genoeg om de vele liters brute pils te torsen omringd met hoge zwart houten krukken. Verblindend discolicht overziet en highlight de overvolle dansvloer. Parren is wijd en zijd bekend. Wat zeg ik beroemd.


Ik ruik zijn mannelijkheid. Hij ademt sneller. Ik sta dicht tegen hem aan en voel zijn intens verlangen. Ik ben 15 maar lijk ouder. Ik schrik even. Hij merkt het niet.


There I was on a July morning Looking for love

With the strength of a new day dawning

And the beautiful sun

At the sound of the first bird singing

I was leaving for home

With the storm and the night behind me

And a road of my own

July Morning  - Uriah Heep


Door de speakers klinkt " I put a spell on you" .Ik sta alleen beneden aan de brede bar zie de camera's plots hangen. Alleen die ene fascineert me. Hij overziet het kale lege geasfalteerde perceel aan de linkerzijde naast het café. Ook de donkere hoek achterin.


Een gedeukte ijzeren emmer met houten handvat gevuld met aardappels. Haar geoefende handen schillen ze in rap tempo. Met de schil die symmetrisch rondgaat kun je zo een andere aardappel maken of bekleden. Later zal ze de meegebrachte hardkorrelig witte bloemkolen keurig verdelen in zout water tegen de grijsgroene vreetgrage rupsen. Druk becommentarieert oma opvoedkundige kwesties en worden de dorpsperikelen besproken met de vrouw des huizes die nieuwsgierig meehelpt. 


De vrouw verliefd sinds jaren op de arme man die nu op sterven ligt gaat toch trouwen. Of die met die enorme lippen was ook vanochtend bij de bakker. Haar vent van niks!! drinkt zich nog eens dood. Piet van Nettie van Sjef Kumpen gaat verbouwen. Dat aparte stel van de Trippaardstraat adopteert liefst twee kinderen uit een land ergens ver in Afrika welja. Gedoe hoor. Smeuiig dat helpt bij het vele aardappelschillen voor een gezin met 15 kinderen.


Hellevuur


Sirenes loeien onafgebroken. De man in witte schort verdwijnt uit het zicht achter de houten nostalgische friture grijpt het vuur koortsachtig om zich heen. Er heerst blinde paniek. 

Blinkend metaal dat vanmiddag eerst vervaarlijk in de zon stond. Metershoge projectielen nu sjouwt hij ze moeizaam weg. Hij kucht en snakt naar adem. 

Café Deneer

Twee gladde zwarte tredes op. De deur met verticale aluminium greep zwaait als vanzelf open. Ik val op. De geur van bier prikkelt mijn neusgaten. Donkere vloer en donkerrode accenten. Links van me slechts twee tafeltjes. Tafeltjes met vreselijk zittende stoeltjes vooral aan mijn rechterzijde. De zwarte krukken ogen hoog. Al ben ik wel vrij lang voor mijn 6 jaar. Ik stap op de verhoging bij de langgerekte bar zodat ze me zien. De uitbater in hoogst eigen persoon neemt het groene bankbiljet waarop 1000 staat moeiteloos aan. Een pakje sigaretten voor de dame zeker zegt hij.


De kelder

De kelder oogt als alle kelders met van buiten twee kleine raampjes. Binnen is het koel en streng. De sfeer is er om te snijden. Het jongetje met rode ogen en opgedroogde tranen huilt van binnen.
Ik focus op het geluid van de kasseien en kijk niet naar de hoge gevel die tot mij spreekt. Ik drentel verder door de Hoogstraat. Zomaar een kelder.

Oh, the heads that turn Make my back burn And those heads that turn Make my back, make my back burn
The sparkle in your eyes Keeps me alive And the sparkle in your eyes Keeps me alive, keeps me alive 
The world and the world turns around

The world and the world, yeah

The world drags me down 
Oh, the heads that turn Make my back burn And those heads that turn Make my back, make my back burn, yeah


She Sells Sanctuary - The Cult




Maanfiets

Je krijgt van zo'n fiets alleen maar last van je rug. Hij zegt het alsof hij ervoor gestudeerd heeft en hij het resultaat van jarenlang onderzoek nu speciaal voor mij uit de doeken doet. Hij trekt daarbij een streng bloedserieus gezicht. De fietsenhandelaar kijkt neutraal. Onschuldig grijs bij de slapen. Grijs dat weldra zal gaan woekeren en de vermoeide blik in zijn smalle vale gezicht zal versterken. 


Die man die als een scheidsrechter tussen ons in staat. Ouder nu. Ik zie hem in herinnering de eerste fietsen plakken voor zijn garage  omgetoverd tot fietsenplan werkruimte. Een nieuw scrabblewoord wellicht!?! Net 12 verkende ik de toen nog eentonige opvallend geelsteense nieuwbouw van het dorp waar ik eigenlijk nooit kwam. Het was niet mijn wereld.  Enkele verveelde straatjongens op Maanfietsjes met hoge sturen en banaanvormige zittingen tot achter hun hoofd  zochten daar verpozing. 
Het fietsen plakken heeft hem geen windeieren gelegd. Al Vrij snel blijkt de voor de gelegenheid uitgebouwde garage te klein. Zijn bedrijf floreert. De kalme jaren zeventig zijn fijne weelderige jaren voor hem met een riant belegde boterham..

Hij staat tussen zijn enorme voorraad rijwielen en zijn blik dwaalt over sturen en fietsbellen reclameborden door de flink en smaakvol verbouwde showroom met hier en daar verstevigde pilaren die echter geenszins in de weg staan. Hij staart door de ramen die tot de grond reiken met aan de bovenzijde steeds een sierlijke boog en kijkt met de ogen van een klant naar binnen nu waar zijn fietsen zijn juweeltjes door de zorgvuldig gelapte ramen prijken. Zijn droom is daadwerkelijk uitgekomen. 


Ondubbelzinnig laat hij weten dat er geen andere optie is en dat ik die fijne sportieve mountainbike wel kan vergeten. We staan bij de fietsenzaak vol prachtige spiksplinternieuwe rossen. De een is nog prachtiger dan de andere met de nieuwste snufjes. Extra verend. Nóg meer versnellingen. Een nog beter zittend voorgevormd leren zadel en handvaten met slipvaste grip waarbij de speciale afdruk voor je vingers lijkt te getuigen van jarenlang fietsplezier. Ik kijk smekend of hij toch niet overstag gaat voor mijn ultieme wens een glimmend paarse supertrendy mountainbike met apart stoer stuur. Hij valt niet te verwurmen dat weet ik want ik ken hem van jongs af aan. Kwaadheid maakt zich van me meester. Godverdomme zo'n mooie kans om eindelijk iets smaakvols uit te zoeken en dan komt mijn vader met zulke belachelijke ouderwets truttige bezwaren. 


I want to ride my bicycle I want to ride it where I like You say black I say white You say bark I say bite You say shark I say hey man Jaws was never my scène and I don't like Star Wars You say Rolls I say Royce You say God give me a choice You say Lord I say Chris I don't believe in Peter Pan Frankenstein or Superman All I wanna do is

Bicycle bicycle bicycle

I want to ride my bicycle bicycle bicycle

Bicycle Race - Queen


Die geelgoude zomer fiets ik naar de HAVO op het aller allerduurste model een Batavus S de Luxe. Dat is mijn wraak. Ik zie zo rechtop fietsend beduidend veel aan me voorbij komen. Witgekalkte tuinderskassen. Wijde landerijen. De door de ijstijd uitgeslepen dalen. Nu paden waar het grint zo aan de oppervlakte ligt en knarst en wegspat onder mijn zoevende wielen. De sluis bij Panheel als voorbode voor de tweesprong bij Heel. Daarna de prachtige bosrijke omgeving die me tevreden stelt. Hij heeft gelijk.


Bicycle races are coming your way

So forget all your duties oh yeah

Fat bottomed Girls They'll be riding today So look out for those beauties oh yeah

On your marks, get set, go! Bicycle race bicycle race bicycle race


Bicycle Race - Queen




DEEL 5. ZWART FLUWEEL


Peinzend staart ze bewegingloos voor zich uit. Droevige grijsgroene blinkende ogen.  Verzadigd met zware melancholie. Waaraan denkt ze? Ze lijkt zo hopeloos. De  kersenboom verliest zijn spitse donker glimmende blaadjes plots heel snel. Letterlijk gek van angst flitst het door haar brein. Nu zien ze me. Alsjeblieft lieve lieve  kersenboom. Wanneer wordt het weer lente....? 


Want je kunt niets zeker weten en alles gaat voorbij

Maar ik geloof. Ik geloof. Ik geloof

De avond - Boudewijn de  Groot



Uit de slaapkamer klinken monotoon gedempte stemmen. Het merendeel lange monologen uit haar mond. Dat hoor ik, omdat ik een scherp gehoor heb, door de muren heen. Hij zegt bitter weinig. Murw en doodmoe. Hij houdt immens van haar. 



Juni 1976

Uit een andere dimensie klinkt  California dreamin'.

Ze slaakt een diepe zucht. De dag moet nog beginnen. Ze is al doodmoe. Zo moe is ze sinds lang niet meer geweest. Haar prachtig rode krulhaar lijkt dof nu. Zelfs de sproeten in haar hals die wijzen mistroostig richting haar borsten. Ze likt haar droge lippen nat. Voelt de barstjes. Haar tong glijdt een voor een langs haar tanden. Ze besluit de vieze smaak van de nacht weg te spoelen en begint ruw haar tanden te poetsen.


All the leaves are brown

All the leaves are brown

And the sky is Grey and the sky is grey

I've been for a walk I've been for a walk

On a winter's day On a winter's day

I'd be safe and warm I'd be safe and warm

If I was in L.A  If I was in L.A.California dreamin

California dream in on such a winter's day


Stopped into a church I passed along the way Well, I got down on my knees

Got down on my knees and I pretend to pray

I pretend to pray You know the preacher likes the Cold Preacher likes the Cold

He knows I'm gonna stay

Knows I'm gonna stay

California dreamin California dreamin

On such a winter's day


California Dreamin -  Mamas & The Papas
 


In de langzame hitte, dat zonnedeel  waarin tijd het denken vertraagt tot een slepende naar de oppervlakte kruipende aardworm, overheerst slechts het geluid van de warm stalen vuurbol.

De zon staat urenlang dwingend als een hoogoven aan de hemel. Met blote voeten over de ongemakkelijke keien eerst de bocht om. Het steegje in. In de verte de vertrouwde spitse kerktoren met glimmende wijzerplaat. Één oog maar kijkt me aan en laat elk uur slaan. Bij het latere La Ville Blanche soepel met de bocht mee en gelijk terugbuigend dan de helling af.  Steeds weer die verrotte puntige keien diep in de bal van mijn voet. Massage is lekker. Dit beslist niet. Aan het eind van de bomenrij die me telkens vriendelijk begroet bereik ik de dijk. De breed gestreepte handdoek ligt losjes over mijn schouder. 


There I was on a July morning Looking for love With the strength of a new day dawning And the beautiful sun At the sound of the first bird singing I was leaving for home

With the storm and the night behind me

And a road of my own With the day came the resolution

I'll be looking for youJuly Morning - Uriah Heep


Ik klim het uitgesleten pad omhoog. De vlagen wind daarboven voelen vochtig aan. Onder me twee banen zacht heerlijk gras die de dijk overal volgen samen met mijn slanke meisjesschaduw. Ik daal af aan de andere zijde. Glooiend te lang niet gemaaid gazon waar je uitstekend kunt zonnebaden. Ik daal nu omzichtig de grote grijze zinderende rotsblokken af die die me met hun bloedhete punten venijnig afstraffen.

Het donkere water klotst. Likt de rotsblokken sidderend nat en trekt zich speels terug. Mijn onderzoekende voetjes verdwijnen tussen de spelonken. Hier en daar kriebelt iets tussen bruingroen wier. Een plons. Krekels houden even hun adem in. Het koele water rimpelt en vervormt mijn handen en ook de rest van mijn deinende lichaam. Naarmate ik verder zwem wordt het killer. Hier is het erg diep waarschuwt het water dreigend. Ik maak rechtsomkeer.


In restless dreams I walked alone

Narrow streets of cobblestone

‘Neath the halo of a streetlamp

I turned my collar to the cold and damp 

When my eyes were stabbed by the flash of a neon light

That split the night and touched the sound of silence and in the naked light I saw ten thousand people, maybe more people talking without speaking

People hearing without listening

People writing songs that voices never share

No one dare disturb the sound of silence
Fools” said I, You do not know silence

like a cancer grows

Hear my words that I might teach you

Take my arms that I might reach you

But my words like silent raindrops fell

and echoed in the wells of silence

The sound of silence -Simon and Garfunkel


Gisteren was werkelijk weer het bewijs dat weet ze ook wel. Ze had de winkel annex pottenbakkersatelier bezocht. Trendy gebatikte jurken. Prachtige hangers uit alle werelddelen en wierookbranders en mysterieus kronkelende waterpijpen. Ze zag ze maar wist even niet waartoe ze dienden en het gaf ook niet. Ze was nu met haar gedachten bij de kleine hebbedingetjes, versierde ringen, kleine medaillons bungelend aan armbandjes, broches, Ibiza sandalen. Het leidde haar af. Ze voelde zich goed en liep het vintage blauwgrijze trapje op naar de andere kleurrijke verdieping. Vol met nog meer snuisterijen vazen en andere keramieke voorwerpen, houtbewerkte beelden en maskers en 2 kleine paskamers. Met bijna dezelfde lange gladde etnische print als ze op de enorme handgemaakte tafel met gedraaide poten met dierfiguren had zien liggen.


Ze had de jurk gekocht. Een eenvoudig gebroken bijna witte A-lijn maar daardoor prachtig gestyleerd exemplaar met enorme paarse cirkels met daarin een herhaling van iets zwarte kleinere die elkaar nét niet raakten en daardoor op de ivoorkleurige schtergrond leken te dansen in cirkels steeds weer. Zeer modieus. Was het wel geschikt voor haar? Nou de verkoopster was laaiend enthousiast. Haar ogen en lach lichtten op toen zij ermee voor de spiegel stond. 


I was looking for love in the strangest places

There wasn't a stone that I left unturned

I must have tried more than a thousand faces

But not one was aware of the fire that burned in my heart

In my mind. In my soul

July Morning  - Uriah Heep


Ze zucht. Het in zachte pasteltinten barokachtig versierde kleine kruisje hing al aan de spijker bij de deur. Haar la in haar boudoir had ze gevuld met de sjaal. Het verfijnde brokaten tasje. De twee ringen. De een met een golf die eindigde in een spitsere punt  de ander met een vlammend aantrekkelijke steen. Verder de ketting met fluwelen band en grote witte parel. De zonnebril en veel veel meer. Het gaf haar even het waanzinnig fijne gevoel dat ze danste terwijl de zon alléén voor haar scheen. 


Tears are running  running down your breast

Somebody to love  -Jefferson Airplane


De daaropvolgende nacht bekruipt haar een hogere beklemmende macht. De zwarte fluwelen schaduw dwingt haar ogen neer te slaan. Verlamt armen en benen. Een ijskoude ijzeren greep knijpt hart en keel onnodig wreed dicht. Het is er en verlaat haar nooit meer. Ze ademt zwaar. Haar hoofd tolt.

Morgenvroeg zal het dan anders zijn. Zal de zwarte schaduw zich dan terugtrekken? Wijken van haar zij en haar met rust laten


Top hoor die zware zwarte bril! Het is  Ad Visser erachter  Waanzinnig! Hij straalt gewoon muziek uit. Even chillen heet dat nu. Intens genieten iedere volle minuut en dat 60 keer achter elkaar. Een keer per week met mondjesmaat om het extra speciaal te houden voor de op pop beluste jeugd. Penny jaagt ondertussen zwierend in wuivend kleurige stroken de geesten weg met haar ravenzwart venusachtig godinnenhaar tot over haar billen. Zo overtreft ze de frisse windblazende  machine en Earth and Fire.

Jaagt ze ook de boze geesten weg? De kille stikstofadem van de dood?


De volgende ochtend ziet ze zichzelf drie keer over de gewelfde rand van haar bed in haar driedelige kapspiegel. Drie maal. Steeds anders. Ze lijkt verwelkt. Zo jong nog 37 en zo oud al met uitgebluste doffe nietszeggende ogen. Op wie maakt ze nog indruk? Ze ziet zelf niet eens wat er in haar omgaat. Alles is vlak. Geen ruw onbeschaafd randje te bekennen. Volledig vlak. Geen deining. Stilte voor een storm die telkens in haar woedt. Opkomend uit het niets. Vanuit stilstand. Als een mitrailleur. 


Ze is nu al bang. Ze snuift diep haar eigen  angstgeur op en verdwijnt met haar hoofd langzaam onder het dunne geborduurde laken.  De zachtglooiende sprei glijdt op de grond. Alsof ze plotsing voorover helt bij het spuitend spattende water van een immense waterval. Beneveld. Geveld.


Don't you want somebody to loveDon't you need somebody to loveWouldn't you love somebody to liveYou better find somebody to love

Somebody to love  -Jefferson Airplane


De grond is onverhard met hier en daar een onregelmatige plas water modder vermengt met grint. Een grote zinken teil. Een schuur met een afbrokkelende verveloze poort die  open staat. Er stroomt gedempt licht naar binnen. Het verlicht gevaarlijk de puntige tanden van een cirkelzaag met houten ombouw. Tegen de buitenmuur staan immens lange houten delen gestapeld, die doorbuigen van het lange staan.

Een ongekamde hond met licht grijs rastahaar aan beide zijden van de ketting in zijn nek. Binnen een gekalkt betonnen plafond. Daaronder konijnen in hokken. Pluizig als bonbons in crêpepapier liggen de pas geborenen blind schokkerig naast en over elkaar.


De kamer ademt zwaar. Ik durf haast niet naar binnen te gaan. De akelige geur van gif neemt demonisch bezit  van elk mens. Lijkwit lijkt hij al een geest. De dood heeft hem in zijn ijzeren klauwende greep. Zacht raak ik de sprei aan waar de afdruk van zijn hand licht omhoog plooit en weer daalt. Nu wens ik dat ik krachten heb om hem zijn levenslust terug te geven. Zijn gewelfde haren zijn nat in de aanzet bij zijn nu bleke nek. Op zijn onlangs nog donkerbruine voorhoofd  druppels angstzweet. Zijn fraai gewelfde mond is droog. Hij smakt en rolt ongedurig met zijn ogen. Het ademen gaat steeds moeizamer. Hoe lang gaat dit er bijna niet meer zijn. Het  afscheid duren.


Mijn moeder een verdieping lager in de keuken ragfijne parels op haar voorhoofd. Strijkt vermoeid haar haren uit haar gezicht. Ze heeft grauwe wallen. Zelfs de roodbruine sproeten zwijgen. Haar ogen staan dof.


De toekomst was een zee

De blauwe zee van tijd 

Ballade van de onsterfelijkheid -Boudewijn de Groot


Zo zondert zij zich af.  En denkt en ziet haar dood, haar vlucht naar betere werelden. Andere hogere dimensies. Waar is haar engel die haar behoedt?  In een eindeloze duizelingwekkende vrije val tuimelt ze in de diepe mijnschacht. Ze hapt in paniek naar adem.


Want afscheid duurt niet even

Het duurt je hele leven totdat de dag van gisterenvoorgoed voorbij zal zijn.

Ballade van de onsterfelijkheid -Boudewijn de Groot


Bruiloft en ze heeft geen jurk. Ze weegt amper 60 kilogram. De lelijke 30 heeft ze in amper drie godsonmogelijke weken verloren. Mijn vader - ergens haalt hij de eeuwige moed vandaan - neemt haar hand. Zijn stem is aangeslagen hees als hij zegt: Kom stap in dan gaan we nu de mooiste jurk voor je uitzoeken.


I've just met a girl named MariaAnd suddenly that nameWill never be the same to me Maria!                                                Maria - Jimmy Bryant


Haar nasi is echt niet te eten! Zouter dan de zee. Ze heeft zo haar best gedaan. Mijn vader lacht en neemt nog een hap.


Take another little piece of my heart now, baby Oh, oh, break it Break another little bit of my heart now, darling

Piece Of My Heart - Janis Joplin


Ik wandel een rondje Wal daarna bij Rulkens de bocht om richting De Meers bij de kleiberg aangekomen rechtsaf richting de dijk waar het witte fijne grint heeft plaats gemaakt voor oneindig veel zwaar donker water. Mijn moeder wandelt naast me aan de veilige kant op de hellende nu felgroene dijk. Met uitzicht aan twee kanten het water volgend en meebuigend.

Nooit zal zij hier luidruchtig plonzen. Genieten in de lome hitte van de zomer, zoals anderen die hier neerstrijken met hun kroost en met bier en worst gevulde koelboxen, limonade gazeuse en een bonte verzameling parasollen.

Nooit! Zegt ze resoluut. Ze kijkt met een bijzondere blik naar het water. Het water waar ze doodsbang voor is.


De zomer vloog voorbij

Mijn ogen traanden van de pijn

Want een kind kan nog niet weten wat waterrimpelingen zijn.

Eeuwige Jeugd - Boudewijn de Groot


Ze hoort niets. Alleen zacht gesijpel van de kraan. Ik was haar haren het rijke schuim masserend en verdelend over haar ver naar voren gebogen hoofd. Haar handen blokkeren angstvallig de ingang van haar oren. Ik droog voorzichtig eerst haar haren bij haar oren alvorens de handdoek aan de rest toe te vertrouwen. Ze kijkt dankbaar voor deze redding. Haar gehoorgang ijlt na. Fluistert zacht:" water is funest!" Haar trommelvlies geeft het door aan haar hersenen.


Het water zal me dragen tot het winterweer verveelt dan zal ik zinken in de lente verdrinken in mijn spiegelbeeld

Eeuwige jeugd  -Boudewijn de Groot




DEEL 6.  STROHALM

Een oud kinderliedje lijkt het. Opa neuriet, terwijl hij af en toe tevreden intense trekjes neemt van zijn aromatisch geurende bolknak. Voorover gebogen met de kin op tafel zit een vaal oud spichtig vrouwtje met haar grijze haren in een ouderwetse knot. Hier en daar bespeur ik nog een zwarte streng van haar jeugd. De gebloemde jurk is haar veel te groot. Ze lijkt te slapen ondanks de ongemakkelijke houding. 


Ernaast een zwaarlijvige meneer waarvan het hemd op knappen staat. Ik zie roodroze buikvel en grijs springerig borsthaar door elke gapende tussenruimte. Nog net beteugeld door bijna zwichtende knopen. Erboven een dik rood aangelopen hoofd. De enorme man ademt moeizaam. Er zit wit speeksel in zijn mondhoeken. Daarnaast zetelt een vrolijk kijkende wel erg alerte tante, die er niet bij lijkt te willen horen. Kwieke Heleen. Een bont gezelschap. Er zitten er veel meer aan de lange rechte tafel, die zo geplaatst is in de lengte van het rechthoekige vertrek, dat de bezoekers en verzorgers er nog net langs kunnen. Nog net niet de vensterbanken van de ramen aanrakend waarvan er 4 uitkijken op de groentetuin. Gescheiden door een wit hekwerk. 

Ze hebben een gemeenschappelijke factor. Hun hersens zijn af en toe niet meer zo scherp.  Aan het hoofd van de tafel zit mijn opa. Imposant nors kijkend. Nu kijkt hij plots kinderlijk vrolijk want zegt hij. Hij heeft gisteren zoveel gezien want hij is ver weggeweest te voet. Hij heeft daadwerkelijk gewandeld. Steeds dezelfde rondjes in de grote donkergroene tuin met veel dicht struikgewas en geasfalteerde kronkelende paden die hier en daar aan een open plek gazon grenzen met een gezellig rustbankje langszij. Ik zeg het maar gewoon. Hij is dement. Evenals de anderen gaat hij nooit meer naar huis. Barbara zegt hij maar ik ben Leeuwtje het veel jongere nichtje en Zijn kleindochter en kijkt me indringend aan mij zijn geheim toevertrouwend. Hij zegt en benadrukt elk woord: Ik heb NIETS met die gekken hier te maken! Hij zwijgt.


Na de zoveelste aanval waarbij hij oma als een sumo worstelaar uit bed werpt door pontificaal het gestreepte zware veren dek onder haar vandaan te trekken waarop ze hem steeds alle ruimte gunt.  Slechts de uiterste dunne koude rand is voor haar. Vele jaren lang. Na zijn helse daad heeft hij haar de godganselijke nacht de huid vol gescholden Door steeds te dreigen met zijn forse lichaam is de maat nu vol. Meer dan vol. De auto waarin hij net niet de gestoffeerde grijze velours aandoende ronding van het dak raakt is al onderweg met hem. Beteuterd als een betrapte schooljongen kijkt hij strak voor zich uit. Niet wetend waar hij terechtkomt of zelfs waar hij heen gaat. "Zo is hij weer thuis!" is immers zijn gedachtengang. Het bordje Horn doemt op.

Maar waar jij gaat zijn zon en maan gelijk

De kleinste bloemIs daar als de hoogste eik

En alle koningen en kinderen zijn daar gelijk Zo zal het  zijn - Rob de Nijs


Explosief is hij al zijn hele leven. Buien zwaar onweer die nooit meer lijken weg te trekken en slachtoffers maken onder de boeren op de open onbeschermde velden. Onweer dat steden en dorpen opzuigt met donkere smachtende kracht. Door elkaar schudt en vrouwen laat wegduiken onder tafels. Gek van angst.

Als hij zijn strooien hoed opzet. Naar het veld gaat op zijn donkerzwarte extra zware herenfiets is het weer kalm. Dan is hij in zijn element onder de verstikkende zon met een strohalm in zijn mond als sigaar. Geen gemor. Met de thermosfles in zijn hand denkt hij aan zijn verre verre steeds zichtbaardere jeugd. 


Til forever on it goes through the circle, fast and slow. I know.  It can't stop I wonder. Have you ever seen the rain - Creedence Clearwater Revival


In 1889 geboren. Hij werkt zijn hele leven. Noeste arbeid. Hij weet niet beter totdat zij verschijnt in zijn leven. Zijn prachtige volle vrouw met grote pronte borsten met het dikste ravenzwarte haar. Zij heeft hem van het veld gelokt met haar prachtige kleuren Zijn Rubensvrouw stierf op prille leeftijd en hij bleef alleen achter. Weer op het veld. Hele nachten. Als een hondsdolle hond graaft hij in de warme aarde. Want hij houdt het niet uit in het stille huis dat hem voortdurend aan haar verlokkingen en engelachtige glimlach herinnert.

Bingo de kaart is vol. Gokken en vooral gelukzalig winnen zit haar in het bloed. Ooit kocht ze een lot van de plaatselijke harmonie dat kwijt raakte in de tijd en ergens belandde in de ingebouwde volle kast in de nis met daarnaast de onontbeerlijke kachel. Toen bleek ze een tv gewonnen te hebben. Nadat de gehele familie oeverloos heeft gezocht is het haar gelukt het lot te traceren en staat hij te glimmen. Haar gewonnen tv. 

Ze heeft een pakket van tweekleurige handdoeken en met bijbehorende washandjes gewonnen direct bij het begin van de bingo. Daarna een groot pak DE koffie. Maar nu heeft ze iets wat de moeite van die vele rijtjes vullen waard is: een mixer. Die komt  goed van pas. Daar doet ze het voor. De kletsende vrouwen en een enkele man kijken haar nu brutaal en afgunstig aan want het is haar derde keer. Dat heeft zij weer. Maar zij is beslist de geluksvogel vanavond. De tijd komt dat hij iemand voor het huishouden zoekt. Met veel landerijen is hij rijk voor die tijd. Maar zijn harde natuur  houdt belangstellenden ver. Toch komt er uit het nabij gelegen Neeritter een onverschrokken vrouw. Ach ze lijkt hem een aanpakker. Dus zo geschiedt het. Zij poetst zijn huis en hij is tevreden. Weldra kookt ze ook voor hem en weten beiden niet anders.


Zij zijn nu getrouwd. De foto met de vrouw met dik zwart haar en flink postuur staat gewoon op de kast. De kast die zij eerst altijd netjes heeft gepoetst en nu van haar is. Al het bruin houten meubilair van die tijd. De schilderijtjes. De lampen aan het plafond. De enorme hammen in de hoge nis die zorgen voor dik beleg op het zelfgebakken brood. Zelfs de borden en de rest van het goudomrande servies. Tot aan de bloemen in de vaas toe die uit de boeren moestuin komen die ja die ook van haar is. Hier is haar plek nu.


All you ever gotta do is to is be a good man One time to one woman!

Cry baby - Janis Joplin 


De bakker in Ittervoort, zoals gewoonlijk vroeg op. Klokslag 4 uur slaat het in de toren van het ernaast gelegen witte kleine kerkje. Dat is hét teken voor hem dat zijn broden- en taarten bakken werkdag begint. Hij eet eerst  een flinke plak wit knipbrood met roomboter en ham en een met hagelslag van het zelfde knip. Want al die verschillende bruine broden. Dat hoeft niet voor hem. Nog een kop vers gezette koffie door een witte plastic filterhouder op de kan en hij is zover. De kinderen liggen nog in bed en worden later gewekt door de hulp. Ze heeft een betrekking gekregen bij een boer in het dorp ernaast als werkster.


Nou maar zien dat ze het daar redt denkt hij terwijl hij ondertussen het fijne meel boter boereneieren en gist vermengt en als laatste water toevoegt in de grote mengbakken. De ovens staan te loeien. Klaar om de witte kleverige massa met zijn handen te beroeren en een huwelijk te vormen waarbij uiteindelijk hun schoonheid blijkt door krokant te klanten te verleiden. Ze kan in elk geval heerlijk bakken denkt hij. Dat heeft zij toch maar van hem geleerd denkt hij tevreden.


DEEL. 7.   DE OVERZIJDE


In a tree by the brook t
here's a songbird who sings,sometimes all of our thoughts are misgiven. Oh, it makes me wonder.

Led ZEPPELIN - Stairway to Heaven


Jethje van " de Kleine Hegge".

Verwilderd kijkt ze ons aan. Haar vroeg oud geworden getaande gezicht smoezelig met smalle rode couperosewangetjes daarin gebed grote angstogen. 

Jethje want zo heet ze. Haar haar zit verfomfaaid alsof het maandenlang getoupeerd en daarna nooit meer aangeraakt is. Alleen aangeraakt door dichte stekelige struiken en misschien hier en daar een kussen of opgerolde viezige deken.

Haar besmeurde kapotte kleren getuigen van wat drank en eenzaamheid uiteindelijk aanrichten. Als een geest duikt ze plotseling voor ons op. Wild gebarend  heen en weer springend om ons te verjagen. 


Ik zie nog net de contouren van een ooit witte muur behorend bij ooit een fijn huis.  Als een ongeopend vergeten cadeau verscholen achter die hoge ondoordringbare waarschuwende meidoorn, klimop, wilde geurende boskamperfoelie. Jethje blijkt de rover in dat struikgewas. Plots klinkt fel een kattengil. Geklapper van deuren en luiken. Zodra we haar zien en zij met grote passen op ons af stevent en ons bemonstert schieten we luid gillend van angst alle kanten op. Alles bonkt en klopt net als de nu gealarmeerde luiken van het vervallen huis.

Het statige prachtig kalm gelegen witte huis" De Kleine Hegge met verrassende hoeken en oplichtende uitnodigende raampartijen omgeven door een groene oase baadt in het zonlicht. Schuin tegenover haar gelegen grote broer "De Grote Hegge". Maar zij is beslist niet minder fraai. Juist charmant petite.


Dear lady can you hear the wind blow 
and did you know your stairway lies 
on the whispering wind
Led ZEPPELIN - 
Stairway to Heaven


Jeth haar familie is niet onbemiddeld. Laten we zeggen welgesteld. Beweeglijk ranke Jeth draagt blij lang golvend donker haar, dat haar zuidelijke komaf verraadt.

Alerte vriendelijk zoekende ogen met zware lange sexy wimpers overdekt, schitteren als edelstenen die het licht steeds weerkaatsen en elk detail minutieus in zich opnemen.

Ze is wat je noemt super intelligent. Mooie pasjes met daarbij goed gekozen fijne tasjes. Een uiterst gesoigneerde aantrekkelijke Mademoiselle.

Jethje van " de Kleine Hegge". Kwetsbaarder na elke tussenpoos. Telkens meer gerimpeld, meer gebogen. We komen elkaar sporadisch tegen op het verlaten spookachtige zijlaantje net buiten het dorp dat haar lijkt op te slokken.

De grootste kans maak ik als Jethje heel kort de krap bemeten winkel pal tegenover ons huis bezoekt om daarna als een dwaalgeest terug te keren met haar geliefde wijn die ze stevig omklemt. Terug naar gelukkigere tijden. Ik herinner me vooral haar nerveuze hulpeloze oogopslag. Haar stem licht krakend nu. Hoe vriendelijk beleefd doch kort ze sprak. Bang van de wereld. 


I have my freedom but I don't have much time. Faith has been broken tears must be cried. Let's do some living after we'll die

Wild horses - Rolling Stones


There's a feeling I get when I look to the West and my spirit is crying for leaving
Led ZEPPELIN - Stairway to Heaven
*
Schappen met aan drie zijden schoonmaakmiddel, schuursponsjes, Pickwick thee, Douwe Egberts koffie. Vele soorten koekjes, potten confiture, chocopasta,  Venz hagelslag, Pleegzuster Bloedwijn. Op de grond XXL pakken waspoeder en opeen gestapelde beugelflessen mierzoete cranberry kleurige Exota limonade gazeuse. Daarnaast donkergroen met hip Seven Up logo. De attente zwartharige winkelbediende met geföhnd page kapsel  kan er maar net tussendoor om bij te vullen. Achter de kassa tegen de muur liggen pakjes sigaretten uitnodigend uitgestald. De Marlborough man voorop. Pittig blonde Bellinda ernaast.

Er is zelfs plek voor een vitrine met zuivel en vleeswaren.Vuurrode zuurstokken, vleeskleurige spekken, grote toverballen, dropveters achter glas in keurige schuin aflopende houten laatjes. Kaas wordt van het stuk op prachtig dubbelglad papier gesneden vlak voor mijn neus. Enorme plakken op een metalen weegschaal met prikkende wijzers. Zeker om misverstanden over het gewicht te voorkomen. Ik steek al een eind boven de toonbank uit. 


Familie X.
Het aanrecht en de tafel in de keuken staan vol vaat. Halfvolle pakken melk. Borden gedeeltelijk bedekt met een dun laagje hagelslag en harde randjes kaas. De wasmand puilt uit naast de strijktafel. Het is ook veel al die kinderen in het gareel te krijgen. Zelfs voor een getrainde gezinshulp met keurig witte schort.

De groengrijze velours bank voelt zacht aan. In de kamer ernaast ben ik op visite en kijk geboeid in het likkende blauwe vuur met flakkerend gele uiteinden naar de dans achter speciaal glas. Erachter verschroei je. 
Achter mij hoor ik een donkere mannenstem. Ik weet een ding zeker. Er is géén man in dit huis achter me. Ik draai me om. Gerustgesteld kijk ik weer naar het op en neergaande spel van de vurige vlammen. Weer hoor ik een man. Nu kijk ik sneller achterom.
Gefascineerd leest ze een boek aan tafel. Een zwaar demonisch geluid lijkt ongemerkt haar lippen te openen. Ontsnapt angstaanjagend. Marilla ziet mijn verbazing. Herstelt zich en plots breekt er een glimlach door en vraagt ze honderduit. Ze is mooi evenals haar kinderen die meer op haar lijken en interessant. Dat weet ze. De warmte van het vuur is even tussen ons nu. Zij voelt het ook. Ik koester de warmte. 
Haar hele leven is weggedrukt in een klam bedrukkend tehuis in Venray. Vele jaren van haar leven. Vervlogen met de trekvogels in de zich aandienende herfst. De rusteloosheid die blijft. 


Luister duisternis mijn vriend waaraan heb ik het verdien d
at ik telkens in mijn dromen dezelfde angst moet tegenkomen en het visioen dat mij bedreigt en ik iedere nacht weer verwacht met het geluid van stilte. 

Het geluid van stilte - Boudewijn de Groot


Hoeveel pillen poeders en gesprekken er ook volgen. De stemmen klinken juist vertrouwd na al die jaren. Ze  horen onlosmakelijk bij haar. En zij bij hun. Hoeveel jaren heeft ze haar mooie kinderen niet gezien. Nu zijn ze groot. De laatste keer lag de jongste nog in de  wieg. Speels likkende vlammen laten donkere schaduwen na op haar gezicht. Ze is voorgoed thuis en moet het zelf zien te rooien. Een gek gevoel besluipt haar.
*
Vreemd dat ik het nu pas weet  dat stilte in mijn hersens vreet Het geluid van stilte - Boudewijn de Groot


De kinderen van familie X


Haar altijd felrood vrolijk gelakte tenen kijken haar nu echt droevig aan. Ze wrijft over haar pijnlijke been. De afdaling leek goed te gaan maar werd een afgang. Dit is haar herinnering. Haar bitter smakend souvenir aan haar stage in Zwitserland. Twee botbreuken. Open nog wel die haar nooit tot stil staan dwongen maar juist opzweepten.Ze neemt zoals gebruikelijk klantgericht de bestelling op. Het oudere jong ogende echtpaar de 60 naderend. Kijkt elkaar tevreden aan. Wat een schat van een serveerster. Zo attent zo naturel. Zo behendig. Zo dynamisch. Zo mooi ook. Veelbelovend. Onvermoeibaar loopt ze ’s ochtends in alle vroegte. Wanneer de pauwhanen nog in elkaar gedoken zitten tot laat in de opslurpende nachten. Ze neemt het glas en houdt het tegen het licht en poetst het met een schone doek nog glanzender. 
De smetteloze aantrekkelijke receptioniste knikt vriendelijk beleefd naar haar. Met een knipoog antwoordt ze. Ze is al bij de trap om een verwaaid uitziende verdwaalde hotelgast met strenge bril en stijve attachékoffer de weg te wijzen. Achter de strengheid van de bril schuilt  opgewektheid. Hij lijkt zo minder verwaaid. 


Haar vermoeide lichaam verbiedt haar te bewegen. De pijn wordt geblokkeerd door haar hersenen. De maan verdwijnt achter de zoveelste wolk als zij de pijnscheut haar stramme been voelt doorklieven. 


Yeah but in your head baby I'm. afraid you don't know where it is

Somebody to love - Jefferson Airplane


VISITE

Kennissen die zich gemoedelijk na de lange autorit hebben geïnstalleerd met hun eerste kopje koffie. De donkerharige man is zwaar. Een vierkant gebruind gelaat dat later rood aanloopt. De vrouw lijkt een slechtzittende haar weinig flatterende krulpruik te dragen en is minder vol dan haar man maar ouderwets gezet. Druk babbelen ze. Over de blijdschap van het weerzien op deze best zonnige middag. Je beschermen tegen de snel naderende winterkou met flinke oversized Noorse truien van dikke stugge wol. Bij een flinke regenbui ruik je het schaap.
Hoe het mij gaat op kamers en met mijn studie. Ze zijn druk met hun nieuwsgierige ongeneerde blikken, inmiddels onder het genot van een borrel worden de laatste dorpsschandalen en familienieuwtjes uitgewisseld. Onopgemerkt verlaat ik de drukte en ga op zoek in de antieke kast in de kamer ernaast naar mijn rode alpinopet van zacht velours.
Weer helemaal hip. Mireille Mathieu kapsels maken het af. Ze gaan gelukkig weer straks.


Familie Y
Er klinkt geschuifel. De deur opent als vanzelf en in de hoge ruimte met licht barokken plafond zit een man keurig in pak aan het hoofd van de langgerekte eindeloze tafel. Een zee van ruimte met slechts de man. Hij neemt zijn servet. Verzet het waterglas. Kucht beschaafd. Het enige geluid. Zij serveert de speciale rozemarijn aardappeltjes uit de terrine. De met zorg uitgekozen groentes. Het uiterst zorgvuldig gekozen beste lapje vlees. Zij verdwijnt als een spook uit de wijde ruimte. De nabij gelegen keuken in. Waar zij en haar talrijke kinderschare straks eten aan de veel kleinere keuken tafel.Ander eten. Ander servies.


De man eet met aandacht. Hij laat de wijn  bedachtzaam walsen alvorens hij ervan proeft. Tevreden met zichzelf brengt hij een toast uit. Zorgvuldig dept hij het vocht rondom zijn mond met het damasten servet
In de keuken staan de dagelijkse vier King Corn broden hoog opgestapeld in lagen bruin wit voor de kleinsten van de 15 koters. De vrouw wacht met de handen gevouwen op haar schort kijkt ze naar de klok. Wanneer kan ze afruimen. Haar man zal nu wel klaar zijn met de dis.


It's not time to make a change. Just relax, take it easy. You're still young, that's your fault. There's so much you have to know. Now there's a way and I know that I have to go away
Cat Stevens – Father And Son 


Overal klinkt muziek dat als een wolkendek hoog boven me uitklinkt de tonen slaan neer verdringen zich in mijn oren. Ik voel me Mozart die weer hoort. Beneden spelen we. Een levensgroot zwart krijtbord. Daarvoor een lessenaar, banken en werktafels voor de leerlingen. Iets met boekhouden zei Klara. Haar vader geeft 's avonds les aan volwas senen in deze levensechte schoolklaskopie. Wij vermaken ons opperbest. Kinderen in overvloed immers. Klara zit bij mij in de klas. Ze is de middelste van 15 die het grote herenhuis vullen met statig ronddraaiende Parijse wenteltrap, die  automatisch naar alle hoger gelegen vertrekken voert. 

Are you lonesome tonight - Elvis Presley


De tuin bestaat uit een aaneenrijging van mini tuinen. Eerst een bestraat langgerekt gedeelte met uitnodigende schommelbank. In mijn fantasie lig ik daar en dommel ik schommelend de dag door. Erachter perken bloeiende bloemen. Verderop een donkergroene haag die geheimen bewaakt. Het blijkt vol te staan met dichte zwaar behangen fruitbomen. De haag sluit zich weer en ik kom in een open moestuin vol rijen keurig gerangschikte groentes. Een vreemd contrast met het open veld verderop.
Open landerijen met wuivend koren afgewisseld met weiland. Het zanderige kiezelpad  kronkelt er als een koningscobra doorheen en vormt de grens met de tuin precies waar ik nu sta. Als ik rechts kijk, zie ik in de bocht de meisjesschool van ons dorp met lange brede ruiten tot aan de hemel waarachter je moeiteloos kunt dagdromen. Wie heeft er zo'n uitzicht met de heetste zonnestralen. Alles is sprookjesachtig. Een gigantische poster van een droomlandschap. Die intense schroeiende hitte voelt weldadig gedragen door de zucht van de wind. Alles lijkt te stromen. Het is niet eens de verderop traag in het dal slingerende Itterbeek. 


Ik volg het pad naar links en kijk verlangend uit naar het dal. Biologie wordt hier met de paplepel ingegoten. Juf loopt voorop en vertelt met hogere stem dan anders over soorten veervormige bladeren. We rapen kiezels en kastanjes.  Plukken boterbloemen. Ze vertelt over uitgeslepen dalen.  Er staat een picknickbankje. We gaan in een kring zitten en hangen aan haar lippen. Ik zit op de punt aan het uiteinde van het statische bankje.

Boven ons immense overhangende bomen die het dal koel overschaduwen. Klauwende wortels op zoek naar vastigheid water en voedsel bedekken de steile helling. Het verschil is zeker enkele meters.

Plots is er paniek. Een leerling uit  een andere groep van de jongensschool hangt hoog boven ons en daagt uit. De juf probeert de rust te bewaren en maant Jos vooral rustig terug te gaan.  De andere jongens moedigen hem aan en ik lach bewonderend. Hij is het ondeugendst. Ook nu weer. Normaliter in onze vrije tijd zouden wij ook als apen omhoog geklommen zijn. Nu niet met juf erbij. De tijd vliegt. Iedereen zit onder de muggenbeten. We wandelen met trage pas terug. Het is hier na de vochtige koelte van het dal bloedheet en enorm licht. Fel schijnsel van de zon. Een toorts recht in mijn gezicht. Even zie ik alleen vlekken. De schoolbel klinkt. We hollen naar huis.


There was a boy

A very strange enchanted boy

They say he wandered very far,

very far. Over land and sea

A little shy and sad of eye

but very wise was he



BIJDEHAND


Plots omklemt hij haar arm. Kom we gaan. Ergens waar jij nog niet bent geweest. Wedden! De zon doet zijn uiterste best nog wat verlate zomerwarmte af te geven. Vanaf zijn grijze t- shirt waarop een blonde vrouw haar nieuwsgierig bemonstert, lijkt het bierblik integraal bij de print te horen.

"Je wandelt nooit meer. Toen we elkaar pas kenden wilde je gelijk weg." Heerlijk genieten van speels tollende strandluchten, zon die zich om je wentelt, woelen tussen verblindend zand. Bramen plukken tot laat in het seizoen. " Er zijn nu geen bramen meer dus wtf. Jawel joh. Er zijn altijd late onontdek te bramen speciaal voor ons."

Met gestage pas doorkruist hij het uiterst groene park met uitgestrekte forellenvijver. Even daarvoor smeekte hij haar nog zwalkend niet weg te gaan. Aan de rand op de oever wisselen plukken lisdodde en afgewaaide takken elkaar af met daartussen een meerkoet en een afgedankte campingstoel. Rijen voorover gebogen fietsers kijken verbaasd achterom hoe jij het hele fietspad als een beginnend skater in beslag neemt.

Langs een ratjetoe van bont ogende woonwagens en aanbouwsels ineens een scherpe bocht. Dan volgt een smal weggetje. Jij geniet meer en meer terwijl je het infobord nadert. Verderop peren aan een armetierig boompje. Ik raap een grote tak op tussen het malse gras vandaan. Jij slaat als een volleerd honkballer de laatste groene helden van de takken. Triomfantelijk: "Lekker hoor biologische peertjes. Puur natuur."

"Kom. Loop achter me aan. Nee niet die kant op. Zo hoor je een bijenkas te benaderen." Ze volgde hem behendig nauwelijks zichtbare kuilen onder het nu weelderige gras omzeilend.

Hij kijkt haar met strakke blik aan. Door de opgetrokken wenkbrauwen is zijn grimas clownesk. In een wenk tovert ze haar mobiel tevoorschijn. Tijdens vakantie toen  net 7, had opa haar zijn bijenvolk getoond vóór het kippenhok met een enorme kersenboom door het lage dak. Het bollend puntig groen van het bladerdak als een luchtballon volgepropt met dieppaarse vlezige morellen.

Toen opa de raat vol honing eruit haalde, had ze eerst alleen op opa gelet en was ze net als hem heel kalm gebleven. Nu zag ze bijna hetzelfde tafereel voor zich ontvouwen. Vlijtige bijen die behendig onder in en uit de kast vlogen. Ongehinderd leek het want de man tilde nu nauwlettend de tegel die de deksel verzwaarde op. Aan de binnenkant  ontelbaar dicht op elkaar krioelende donkerbruine bijna zwarte lijfjes. Geen een heldergeel, constateerde ze tot haar verbazing, terwijl ze ternauwernood een foto maakte. Want de deksel sloot in vreemdsoortige vertraging resoluut het bijenverblijf af. Woest verstoorde bijen die als een strak geregisseerd doodseskader bloeddorstig aanvielen. Keiharde duik vluchten op onbescherme hoofdhuid

In volle vaart hollen ze beiden van de onheils plek vandaan. Alles in haar resoneert. Sla ze  finaal van je af. Bedwing deze razernij. Buiten adem bereiken ze het fietspad, terwijl het gigantische stereogeraas goddank allengs minder wordt.

Met ontbloot bovenlijf zwaait hij zijn shirt als een rotor boven zijn lijkbleke gezicht. Wat een krengen. Heel heftig, beaamt ze. Een zeer donkere agressieve soort. Zijn gezicht vertoont toenemend witte bulten met rood aan de randen en in het midden pontificaal de angels. Ze verwijderde de venijnige haakjes van de kanjers die het leven gelaten hadden om hun volk te beschermen. Zuigt de huid vacuum. Spuugt het gif uit. Terwijl hij zwaar toegetakeld toekijkt

"Ik ben nog nooit zo vaak gestoken in al die tijd dat ik met bijen werk. Morgen ga ik ze uitroken."
De volgende ochtend is zijn rechterhand mega opgezet en op de vraag gaan we wandelen, we hebben lang niet alles gezien van de omgeving in de buurt van  de bijen, antwoordt hij. "Ik heb daar niets te zoeken."


EXTASE ~ OVERLOAD

Een laagje maagdelijk rijp rondom de wimperranden. Het lichaam ijlt. Voorover gebogen zwijgt het. Zijgt achterover. Zweet weeft fijne parels.  Miraculeuze dromen overspoelen de stilte. Je bent niet bang. Jij dicht met gesloten, dan weer half geloken ogen. Je zoekt naar taal. Lettergrepen, klanken die na jou resoneren in de winterkou in ver Alaska. Gisteren danste je.


DEEL 8.        ZONNEGLOED


Ken je dat land?

Mijn allerliefste met zijn hemel van kristal

Ken je dat land? - Boudewijn de Groot


Het hele dorp loopt uit voor de Processie. Harmonieuze ranke klanken van de plaatselijke Harmonie ebben weg.

De zwaarlijvige pastoor met kanten habijt volgt onophoudelijk met dicht geknepen ogen de stoet. Onder zijn zware oogleden scant hij alles om hem heen. Het beeld van de heilige Maria Onze Lieve Vrouw van Loreto wordt prominent in de hoogte geheven. Ze tekent prachtig af tegen de onmetelijk blauwpaarse lucht. Sterke mannenarmen torsen en tonen haar. De hemel lijkt kristal

Zelfs de grootste godsdiensthater raakt ontroerd.



Don't you want somebody to loveDon't you need somebody to loveWouldn't you love somebody to liveYou better find somebody to love

Somebody to love - Jefferson Airplane


Al sinds mensenheugnis bestaat ze. Iedereen schenkt ze haar lieve glimlach vol vergeving. Haar gulle gaven. Haar geneeskracht. 

Alle zonden van de wereld vervagen tot het mooie prevaleert. De naakte waarheid. Godin van liefde.


Muzikanten scharen zich achter haar. Priesters. Directeuren. De slager, de bakker, de winkelbediende, de werkman, de geslagenen, verworpenen. Hopenden en wanhopigen. Een ieder die kan lopen en het niet kan.


Wees gegroet Mariavol van genade

De Heer is met U

Gij zijt de gezegende onder de vrouwen

en Gezegend is Jezus de vrucht van

Uw schoot Heilige Maria

Moeder van God Bid voor ons zondaars

Nu en in het uur van onze dood Amen.


Bakker Richaerts maakt overuren. Dat weet hij ook zonder dat hij op de klok kijkt van de immer aanwezige kerktoren. Die als een oranje beschenen baken de duisternis trotseert samen met hem. Die hem, elk halfuur en elk uur herinnert dat de broden, gemarmerde tijger-, en sesambollen én gewelfde croissants maagdelijk goudbruin geboren worden als een kraaiend  kind onder de warme zomerzon.

Favoriet blijken de geliefde kleurrijke Limburgse raster-, kruimelvlaaien. Naast het geurig palet aan fruitvlaaien. Die menige klant laat watertanden. Over smaakpapillen gesproken: kruisbessenvlaai onder golvend gebakken koppen sneeuwwit schuim.

"Kroonsjele vlaai mėt sjoem". Enorm gewild bij de vele toeristen massaal voorrijdend in grote touringcars. Zo strak geparkeerd dat ze bijna de hoge muur van het aanliggende kerkhof lijken weg te drukken.


Wanneer de zuidenwind de zachte mergelmuren van de Abdijkerk streelt en afdaalt vanaf de Wijngaard, zoals de statige Stiftdames van weleer, daal je ook zo af. Ga je op zoek naar bakkerij Richaerts. Er hangt een plaquette met tekst dat er ooit een bakkerij gevestigd was met jaartallen. 

Pal voor winkeldeur staand zie ik vaag als een droom de bakkersvrouw die telkens breeduit lacht als ze behendig de vlaaien en krentenbollen inpakt.

Ernaast bevindt zich hotel restaurant Crasborn met terras. Daarnaast haast als een nis. Smal bijna onvindbaar te willen zijn.  De Steeg.

De weg die mij verbindt met zovéél. Mijn verdrietige moeder die mijn handje stevig omklemt en me de eerste dag naar de kleuterschool brengt.

De kerk, Communie, Pasen, Kerstmis.

De blije altijd vroeg op bakker.

De wraak-, maar vooral hebzuchtige donkere dreigende slager.

De ruim bemeten Coop met chocomel, overalls waar nu de hoogblonde dame op leeftijd woont. De enige echte mrs. Proper, die zo genoot van alle aandacht op het terras bij hotel Crasborn. Vooral vooruitblikt en terugkijkr op mooie herinneringen via fotolijsten op de vensterbank.

De winkelstraat met de vrijgezelle scheel kijkende drogiste met onooglijk montuur, die we steeds plaagden voor haar eigen etalage. 

De karakteristieke altijd kille, hol klinkende muziekschool waar ik vals blokfluit speel tijdens ellenlange saaie lessen. 

De weg naar mijn eerste keeshondje onder een schitterend groen bladerdak door. 

De weg naar het verdwenen witte hoge langgerekte nonnenklooster, waar ik van mijn eerste echte vanille ijsje smul uit handen van zuster Gemma.

De later uittredende non die vol durf  toegewijd kleuterleidster wordt.

De weg naar Pietje Stienen met mijn vader voldaan aan de bar. Gul rondjes gevend, nadat het zoveelste huis de pannen op het dak heeft. 

Naar de Groote en de mysterieuze Kleine Hegge.

Naar kluizenares Jethje die langzaam verdwijnt ain haar Bermudadriehoek.

Naar Belgisch Kessenich. Naar de oeverloze grindgaten met het spookschip.

Naar oude nieuwe werelden.

Naar creatieve Marleen die uitkijkt op de bruine lome schapen.

Toegewijde Bertha die fier de wit bollende was buiten hangt en eindeloos vouwt.

Johan die me altijd groet.

Zijn vader die fietsend heel Limburg verkent.

Naar wonderlijke Ingrid die vanuit de molen zonder wieken na vele omzwervingen hier aan de Itterbeek beland is pal tegenover de antieke watermolen.


Geen welkom. Geen gezellig keuvelende in spanning afwachtende rijen voor de "Kroonsjele vlaai mėt sjoem" . Geen gekwetter of echoënde lach in de gezellig uitwaaierende uitnodigende bonte Hoofdstraat met klinkende kasseien. Volstrekte stilte. 


Het zo nu en dan wapperend tweedelig zonnedoek werpt gedeeltelijk donkergele schaduwen op hun blije een dagje uit gezichten terwijl verrukkelijke taart- en vlaaiaroma's uitwaaieren en zinnen prikkelen.

Ernaast een hoogblonde knappe vrouw bij het rustieke witte uitnodigende Crasborn. Met heerlijk hoog tegelterras en breed openslaande tuindeuren. 

Deuren die 40 jaar later haar nichtje reflecteren met dé man van haar leven aan haar zijde. Tussen hen in "Kroonsjele vlaai mėt sjoem". 

De blondine lacht vrolijk haar parelwitte tanden bloot. De zongebruinde man veegt het schuim van zijn gesoigneerde donkere snor en baard. Hij slaat zijn arm om haar middel en zegt: Barbara laten we gaan. 

Ik waan me daar. Met dezelfde klok,  het eerste rij uitzicht erop. Elk half uur, elk uur herinnert aan bakker Richaerts.


Aan de overzijde hoog verborgen achter de steile muren, liggen de fluisterende graven, met boven hun de schaduw van de herbouwde  klokkentoren. De galm weerklinkt. IJlt na wanneer de klok het middaguur slaat.

                                                                            

  ---------------


House of the rising sun - The Animals


In een oud eenzaam huis in een dromerig stil wit dorpje staat ze afgebeeld op een ansichtkaart met opdracht. De Heilige Maagd Maria gehuld in schitterend goud bestikt ivoorkleurig gewaad. Ze geeft licht en verlichting. Deze lichtgevende troostende engel. Zij weet niet wat er zich 2,5 km verderop voltrekt. 
                                       

LEEUW


Haar ogen kijken. Ze zien niets. Haar lange bruine manen, hier en daar blonder van de zon, omkransen haar lijkbleke gelaat. De paarsblauwe striemen zijn nog net zichtbaar in haar hals. IJzingwekkend stilte omringt haar. 

Koud heeft ze het niet meer. In de ochtend als wind, sneeuw, stromend water weggeëbt. Alle hoop die ze daarstraks nog had is deze nacht abrupt weggeëtst. Haar toekomstdromen verdampt. Een laatste traan trekt magisch een glinsterend spoor op haar wang en daalt via haar kin naar haar hals. Zo lijkt ze een koene leeuwin. 

De wereld is anders. Ze doorzag de dood. Wimpelde hem weg.


Ze dwaalt over

eindeloze savannes 

met alleen echo's

van wilde dieren

in de zuidenwind


******


In mijn gezicht neonlichten hoor het geluid van stilte

Het geluid van stilte - Boudewijn de Groot



******


POSTSCRIPTUM


Als een vlinder altijd vrij en voor het leven op de vlucht

Verdronken Vlinder - Boudewijn de Groot



8 oktober 2015


Vele jaren later liggen de grintgaten er vredig bij. Er wandelt een gezin over de dijk. De rijzige man, zojuist 50 geworden, houdt abrupt stil bij de plek waar vroeger als een relikwie het kadaverhuisje stond. Hij weet het precies. Hij omarmt zijn vrouw. Duwt haar zacht in de richting waar hij nu naartoe wijst. Zijn felwitte door de zon gebleekte haar is nu minder wit. Zijn zoon lijkt sprekend op de vroegere witkees. 


Daar had mijn moeder vroeger haar land. Zegt hij zacht met een brok in de keel en wijst. Zodat ook zij het niet vergeet en zijn kinderen. Eva ziet een traan.



So you're trying to shake this feeling

That trouble's right outside the door

You lie awake each dark night

Like a time bomb wound up too tight

A storm in waiting just offshore

Tell me what we're waiting for
You gotta remember

You don't have to be afraid

You still have the freedom to learn

And say what you wanna say

You gotta remember

Don't let 'em take away the land

we call the home of the brave

Home of the brave - Toto





DEEL 9.       WATER



Decennia later hebben de nu grijze en kalende voormalige duikers de beelden nog op hun netvlies. Het intacte lichaam van de bonkige man. Deinend tussen alg en nieuwsgierige vissen op de voor grintwinning afgegraven zandbodem.  Zijn ooit door de zon verweerde gelaat met rode konen nu vaal en  rimpelloos. In zijn  armen het prachtige uit de brandende kapel verloren gewaande beeld van de maagd Maria. Tussen hen in het kindje Jezus. 


De man die wist dat hij ging sterven. Ergens onzichtbaar in de dikke mist die hem overal waar hij kwam en zelfs in zijn slaap steeds vaker teisterde. Kalm als een meer, borrelend als de Etna. Hij kon niet terug dat wist hij.


Op een dag knipperde je met je ogen. Huid, ogen, stemmen, haren, nek, adem. Je stampvoet. Wat zag je je binnenin die oneindige eindigende film? 

Werd je wakker van nieuwgierigheid op een zomerochtend?


Water, vriendin van de wind en zelfmoordenaars. Verblindde de nacht je klaarlichte dag? 

Je werd geboren in puurheid en onschuld.Voel je niet bezwaard. Tegenover elkaar zullen we elkaar zien. Met gesloten ogen  elkaar via de ene steen naar de andere de overkant bereiken als zielsverwanten.. We zijn gelijk in de verschillen. Eenveel waard. Laten we onze levens delen en naar elkaar omkijken.


Wees gegroet Maria

vol van genade De Heer is met U

Gij zijt de gezegende

onder de vrouwen 

Gezegend is Jezus,

de vrucht van Uw schoot.

Heilige Maria, Moeder van God

Bid voor ons, zondaars

Nu en in het uur van onze dood

AMEN


Somebody to love when the truth is found to be lies and all the joy within you dies

Don't you want somebody to love. Don't you need somebody to love,

Wouldn't you love somebody to love, you beter find somebody to love

When the garden flowers baby are dead, yes and your mind, your mind is so full of red

Don't you want somebody to love, don't you need somebody to love. Wouldn't you love somebody to love. You beter find somebody to love.

Your eyes, I say your eyes may look like his. Yeah, but in your head, baby, I'm afraid you don't know where it is

Don't you want somebody to love, don't you need somebody to love. Wouldn't you love somebody to love, You beter find somebody to love.

Tears are running down and down and down your breast and your friends,

Baby they treat you like a guest. Don't you want somebody to love. Don't you need somebody to love, Wouldn't you love somebody to love,You beter find somebody to love -- Jefferson Airplane - 



DE VLINDER STRIJKT NEER
Het is windstil

Onzichtbare kikkers kwaken

Ogenschijnlijk lossen breeduit

cirkelende luchtbellen op

In die goddelijke kalmte schieten

kikkervisjes wild alle kanten op


Vlinders zie ik voel ik

De late lome namiddagzon

is getuige ze ruist mee met

de schaduwen der woudreuzen


Voluptueuze bloesemregen

bezaait subtiel oplichtende

aarde met bruidsboeket 


Vlinders zie ik

voel ik

Ik ben de bruid

In gedachten zijn we één



De bloesem zaait zich

wuivend gul uit

Rijpe zaden over

goudgele paden



Steeds naar elkaar toe

als een zwoele Mimosabries

raakt jouw hunkerende levensadem

mijn lippen en drukt zachte

kussen op de mijne


De vlinder strijkt neer

Ik voel jou meer dan ooit

Paradi




*Gebed tot Maria  BRON:internet


Tot U nemen wij onze toevlucht:

Wees onze bescherming, heilige Moeder van God.

Wijs onze gebeden niet af als wij in nood zijn maar verlos ons uit alle GEVAREN.

Gij glorierijke en gezegende Maagd.


*Dit is het oudste Maria-gebed uit de kerken van Oost en West. Het dateert uit de 3e eeuw.